Oudejaarsavond

In veel kerken en ook nog in sommige huizen wordt op Oudejaarsavond psalm 90 gelezen. Daarom heeft dit bijbelgedeelte ook wel de bijnaam Oudejaarspsalm. Op deze weblog laat ik die traditie terugkeren. En omdat het lezen van psalm 90 op Oudejaaravond een oude gewoonte is, hieronder deze psalm. Eerst in de Statenvertaling en daaronder in de Nieuwe Bijbelvertaling (NBV)

1 Een gebed van Mozes, den man Gods. HEERE! Gij zijt ons geweest een Toevlucht van geslacht tot geslacht.
Eer de bergen geboren waren, en Gij de aarde en de wereld voortgebracht hadt, ja, van eeuwigheid tot eeuwigheid zijt Gij God.
3 Gij doet den mens wederkeren tot verbrijzeling, en zegt: Keert weder, gij mensenkinderen!
4 Want duizend jaren zijn in Uw ogen als de dag van gisteren, als hij voorbijgegaan is, en [als] eennachtwaak.
5 Gij overstroomt hen; zij zijn [gelijk] een slaap; in den morgenstond zijn zij gelijk het gras, [dat] verandert;
6 In den morgenstond bloeit het, en het verandert; des avonds wordt het afgesneden, en het verdort.
7 Want wij vergaan door Uw toorn; en door Uw grimmigheid worden wij verschrikt.
8 Gij stelt onze ongerechtigheden voor U, onze heimelijke [zonden] in het licht Uws aanschijns.
9 Want al onze dagen gaan henen door Uw verbolgenheid; wij brengen onze jaren door als een gedachte.
10 Aangaande de dagen onzer jaren, daarin zijn zeventig jaren, of, zo wij zeer sterk zijn, tachtig jaren; en het uitnemendste van die is moeite en verdriet; want het wordt snellijk afgesneden, en wij vliegen daarheen.
11 Wie kent de sterkte Uws toorns, en Uw verbolgenheid, naardat Gij te vrezen zijt?
12 Leer [ons] alzo onze dagen tellen, dat wij een wijs hart bekomen.
13 Keer weder, HEERE! tot hoe lange? en het berouwe U over Uw knechten.
14 Verzadig ons in den morgenstond met Uw goedertierenheid, zo zullen wij juichen, en verblijd zijn in al onze dagen.
15 Verblijd ons naar de dagen, [in] [dewelke] Gij ons gedrukt hebt, [naar] de jaren, [in] [dewelke] wij het kwaad gezien hebben.
16 Laat Uw werk aan Uw knechten gezien worden, en Uw heerlijkheid over hun kinderen.
17 En de liefelijkheid des HEEREN, onzes Gods; zij over ons; en bevestig Gij het werk onzer handen over ons, ja, het werk onzer handen, bevestig dat.

1 Een gebed van Mozes, de godsman. Heer, u bent ons een toevlucht geweest van geslacht op geslacht.
2 Nog voor de bergen waren geboren, voor u aarde en land had gebaard– u bent, o God, van eeuwigheid tot eeuwigheid.
3 U doet de sterveling terugkeren tot stof en zegt: ‘Keer terug, mensenkind.’
4 Duizend jaar zijn in uw ogen
als de dag van gisteren die voorbij is, niet meer dan een wake in de nacht.
5 U vaagt ons weg als slaap in de morgen, als opschietend gras
6 dat ontkiemt in de morgen en opschiet, en ‘s avonds verwelkt en verdort.
7 Wij komen om door uw toorn, door uw woede bezwijken wij.
8 U hebt onze zonden vr u geleid, onze geheimen onthuld in het licht van uw gelaat.
9 Al onze dagen gaan heen door uw woede, wij beindigen onze jaren in een zucht.
10 Zeventig jaar duren onze dagen, of tachtig als wij sterk zijn. Het beste daarvan is moeite en leed, het gaat snel voorbij en wij vliegen heen.
11 Wie kent de kracht van uw toorn, wie vreest oprecht uw woede?
12 Leer ons zo onze dagen te tellen dat wijsheid ons hart vervult.
13 Keer u tot ons, HEER –hoe lang nog? Ontferm u over uw dienaren.
14 Vervul ons in de morgen met uw liefde, laat ons van blijdschap uichen, al onze dagen.
15 Geef ons vreugde, vergoed de dagen dat u ons kwelde, de jaren dat wij ellende doorstonden.
16 Toon uw daden aan uw dienaren, maak uw glorie bekend aan hun kinderen.
17 Laat ons uw genade zien, Heer, onze God. Bevestig het werk van onze handen, het werk van onze handen, bevestig dat.

Eén gedachte over “Oudejaarsavond”

  1. Alvast via deze weg een heel goed 2005 gewenst in goede gezondheid en we zien elkaar snel.
    Proost.

Reacties zijn gesloten.