Jaarrede voorzitter NVJ

Delen uit de jaarrede van mijn voorzitter, tijdens de jaarvergadering van de Verenigingsraad (ledenparlement) van mijn vakorganisatie, NVJ:

Nieuws is niet gratis. Sterker nog, gratis bestaat niet. Wat wil de NVJ van de Commissie Brinkman? Allereerst de erkenning dat het vijf voor twaalf is, misschien zelfs al later. De media, en met name de gedrukte media, verkeren in zeer ernstige problemen. Zo ernstig dat de rol van de media als drager van de openbaarheid in het gedrang komt. Erkend dient te worden dat een actief overheidsbeleid ter waarborging van de maatschappelijke en culturele functies van de media noodzakelijk is. Hoe dan ook moet worden voorkomen dat de verschraling in de nieuwsvoorziening verder doorvreet, dat de witte vlekken in het medialandschap groter en groter worden. De verloedering begint daar waar tijdens die ene gemeenteraadsvergadering of tijdens die ene statenvergadering de perstribune leeg is. Dat moeten wij niet willen, de overheid ook niet.
Ik noem een paar highlights:
– Ondersteuning van educatie: Zorg ervoor dat journalisten succesvol kunnen worden ingezet op nieuwe platforms. Daarvoor is bijscholing gewenst. Bij de journalistieke opleidingen is inmiddels aandacht voor de crossmediale en multimediale aanpak het kan altijd beter maar zeker de huidige populatie journalisten dient op dit punt gefaciliteerd te worden.
Zorg ervoor dat het Stimuleringsfonds daadwerkelijk innovaties steunt, die de journalistieke infrastructuur ten goede komen. Laat het Stimuleringsfonds innovatie als toetsingskader gebruiken.
Creer een onafhankelijk, vrij toegankelijk kenniscentrum dat zaken bevordert als Web 3.0, journalistiek innovatief werken op nieuwe platforms, technieken en technologien en om verdienmodellen op internet en digitale distributie modellen te testen.
Voordeel van een dergelijk TNO voor de media is dat alle media hiervan kunnen profiteren en dat het kan helpen om het bestaande marktprobleem: geld verdienen met journalistiek werk op het web op te lossen.
Zorg voor een versteviging dan wel actualisering van de auteurswet en wel, zodanig dat de maker een steviger positie krijgt. Het auteursrecht dient beter aan te sluiten bij de eisen en mogelijkheden van het web. Een goed voorbeeld van het aanpakken van schendingen, met gebruikmaking van de huidige auteurswet, biedt onze eigen NVJ met haar in 2008 gestarte digitale plagiaatservice voor freelancers. Dagblad Trouw volgde begin dit jaar dit goede voorbeeld. Met behulp van software wordt gejat werk opgespoord en de dader krijgt een rekening gepresenteerd. Het argument van meer gehaaide kopijpikkers, dat eenmaal gejat nieuws razendsnel over het wereldwijde web wordt verspreid, gaat naar mijn gevoel niet op. Integendeel, het Nederlandse taalgebied is overzichtelijk genoeg om met een aangescherpte auteurswet de mythe van het gratis nieuws door te prikken.
En zorg daarbij voor een beter auteurscontractenrecht, zodat freelancers een wettelijk ondersteunde onderhandelingspositie krijgen t.o.v. grote uitgevers en omroepen. Dit geeft hen een wapen tegen de steeds verder oprukkende wurgcontracten, waarbij freelancers al hun rechten moeten weggeven.
Maak het gemakkelijker om geld te verdienen met journalistieke arbeid. Alle fiscale maatregelen van BTW tot verlaging van de loonbelasting en alle hulp bij fysieke- en digitale distributie is welkom.

De vraag is: Hoe nu verder of, om een meer beladen term te gebruiken: Wat te doen?
De afspraak was dat ik niet te veel zou zwartkijken. Ik geloof ook niet dat gedrukt papier zal verdwijnen, laat staan dat we in een strevende bedrijfstak zitten. We hebben wel te maken met een krimpende sector.

Alle kranten kampen met economische tegenwind. Alleen voor de PCM komt daar de nasleep van het Apax-fiasco nog bij. De uitgangspositie van dit concern, toch de uitgever van onze journalistieke kroonjuwelen, is domweg verzwakt door eigen inschattingsfouten.
Natuurlijk, dat is wijsheid achteraf. Wie had kunnen bedenken dat investeerders, die binnen werden gehaald om te investeren, geen geld kwamen brengen, maar geld kwamen halen? Het antwoord is simpel dat had de concernleiding moeten bedenken.
Wie anders?
Over een paar weken verwachten wij de uitspraak van de Ondernemingskamer over de enqute bij PCM. Na het onthullende rapport van de onderzoekers, Van Andel en Den Hoed, verwachten wij dat de rechter zal concluderen dat er bij PCM inderdaad sprake is geweest van wanbeleid. We zullen moeten afwachten of de rechter ook de voorziening toewijst op grond waarvan PCM zelf Apax en de inmiddels vertrokken bestuurders kan aanspreken.
Toen de NVJ destijds aankondigde een procedure te zullen starten wegens het vermoeden van wanbeleid, is er aan de kant van PCM geroepen: Niet nodig. Dat is alleen van belang voor de geschiedschrijving. Nu is er met geschiedschrijving niks mis. De grootste kraak in krantenland van Kees Schaepman en Herman Spinhof laat zich als een detective lezen. Bovendien ging het ons niet om de geschiedenis, maar om de toekomst. Zowel de FNV, als mede-financier van de juridische procedure, als de NVJ staan op het standpunt dat we veel kunnen leren van een scherpe analyse en een gemotiveerde uitspraak van de rechter.
Leren hoe we om kunnen gaan met zogeheten durfkapitalisten en met aandeelhouders met een horizon die niet verder gaat dan de volgende kwartaalwinst.
We vinden het prijzenswaardig dat de huidige concernleiding van de PCM niet is blijven staan bij het verwijt dat we aan geschiedschrijving zouden doen. De gang van zaken is voor de PCM-leiding aanleiding geweest om aan het concern een meer decentrale structuur te geven, met meer verantwoordelijkheid voor de afzonderlijke titels. Met het oog op de eisen van good governance is de relatie met de idele stichtingen herzien, evenals de wijze waarop de raad van commissarissen wordt samengesteld.
Wij zijn destijds met de enqute begonnen in de overtuiging dat er sprake was van nut en noodzaak. dat een nader onderzoek gerechtvaardigd was; dat uit de enqute lessen konden worden getrokken; en dat er kan er van de enqute een preventieve werking zou kunnen uitgaan voor de gehele krantenwereld.
We kunnen nu constateren dat de voor de PCM het Apax-fiasco aanleiding is geworden voor zelfonderzoek en daadwerkelijke aanpassingen van de concernstructuur.
En voor de rest blijft het een bal demasqu, inderdaad prima geschikt voor een spannend en leerzaam geschiedenisboek. En nu we het toch over aanbevolen geschiedenisboeken hebben. Ook de bestseller van Jeroen Smit, De Prooi, gaat over een slordige omgang met kroonjuwelen. Net als bij PCM was er bij ABN Amro sprake van falend bestuur, een geld- en energieverslindende machtsstrijd, arrogantie en zelfverrijking. Ook uit de teloorgang van de ABN Amro-bank, als de grootste en belangrijkste bank in Nederland, kunnen lessen worden getrokken:
Lessen over good governance
Lessen over de bonussencultuur
Lessen over tekortschietend toezicht.

Wat bij het trekken van deze lessen vooral opvalt, is de grote mate van vrijblijvendheid. Er is nu een herenakkoord over bonussen, er wordt gepraat over de instelling van Europees toezicht op de financile instellingen. De banken zelf roepen onder leiding van bankier Maas om het hardst dat niet de aandeelhouder, maar de klant voorop moet staan.
Maar er is geen enkele reden om aan te nemen dat met vrijblijvende lessen de hang naar zelfverrijking kan worden gestopt.

We gaan straks naar luisteren naar de uitkomsten van het onderzoek van prof. Bovenkerk. Dat gaat over agressie tegen journalisten. Dat is een al lang bestaand fenomeen, maar het neemt kennelijk toe. Volgens Bovenkerk komt de vrijheid van meningsuiting niet in gevaar, maar het is wel ongemakkelijk. Het zijn niet alleen Marokkaanse rotjochies, maar ook politieagenten die de vrijheid van de nieuwsgaring beknotten. Het eerste wat ik op Koninginnedag, na de aanslag, verstaanbaar door een politieagente hoorde roepen was: Niet filmen!Een paar uur later werd het publiek opgeroepen fotos en films ter beschikking te stellen ter wille van het onderzoek. Er is voor ons nog veel zendingswerk te verrichten.

Perwez Kambakshs

Onze algemeen secretaris Thomas Bruning en ik hebben vorig jaar een doos met handtekeningen aan de sultan van Afghanistan overhandigd. Die handtekeningenactie was gericht tegen het doodvonnis van onze collega Sayed Parwez Kambakhsh. Deze student journalistiek zou een artikel hebben gedownload, waarin de vraag werd gesteld waarom moslimmannen wel vier vrouwen mogen hebben en moslimvrouwen niet vier mannen. Op blasfemie staat in Afghanistan de strop.
De sultan heeft ons toen bezworen dat president Karzai het hoger beroep moest afwachten, maar dat hij er daarna voor zou zorgen dat de doodstraf niet zou worden uitgevoerd. Toen we eenmaal buiten stonden vroeg ik nog aan Thomas: Wat doen we eigenlijk als de doodstraf tegen Kambakhsh wordt omgezet in levenslang? Dat is daar ongeveer het zelfde.
De doodstraf inmiddels in hoger beroep omgezet in twintig jaar. Wij hebben er onze minister van buitenlandse zaken, Maxime Verhagen opnieuw op gewezen dat ook twintig jaar voor het downloaden van een artikel te bizar voor woorden is. De minister heeft ongetwijfeld zijn best gedaan, maar Kambakhsh zit nog steeds vast.
Inmiddels is gebleken dat Karzai niet alleen kennelijk instemt met twintig jaar gevangenisstraf voor een jonge student, maar hij is onlangs ook akkoord gegaan, althans hij heeft laten passeren, dat er in Afghanistan een wet komt op grond waarvan vrouwen verplicht zijn vier maal per week seks te hebben met hun man. Dat hij dat wil, neem ik aan. Dat gebeurt omdat Karzai zich niet kan of niet wil verzetten tegen fundamentalistische Mullahs.

In Afghanistan sneuvelen Nederlandse militairen. Zij brengen het grootste offer omdat wij daar willen opkomen voor democratie en mensenrechten. Om die reden is het nu naar ons oordeel de hoogste tijd dat de Nederlandse regering een krachtig standpunt in neemt. Nederland dient aan onze internationale medestanders in Afghanistan te laten weten dat wij een verdere aantasting van de mensenrechten niet langer zullen tolereren. Perwez Kambakshs moet vrij, zoals ook aan obscure wetgeving een halt moet worden toegeroepen. Bij een verdere weigering van Afghaanse kant dient Nederland de steun aan Karzai onverwijld in te trekken. Onze aanwezigheid, onze missie, onze offers we geven daar letterlijk goed en bloed wordt door de houding van deze voormalige warlord volstrekt ongeloofwaardig. Kambakshs moet vrij en wel nu.