Scotland, voorjaar 2011 3/4

De tocht naar Applecross is met ruim 2,5 uur niet lang, maar wel mooi. Vooral het deel van Garve, via de rand van Torridon Wester Rosse) naar Strathcarron en dan de haarspeldbochten op de laatste heuvelgroep blijven na al die jaren fascinerend. Ik hoop in Torridon iets van de schade te zien van de bosbranden van de afgelopen dagen. Helaas niks te zien. Het gebied is ook zo groot, dat de fik ook op een heel ander deel, ver van de autoweg, kan zijn geweest. Net als in Nederland is het hier al weken kurkdroog en de enkele bui van de afgelopen dagen zet geen zoden aan de dijk. Niet alleen hier hebben branden gewoed, ook aan de oostkant van Scotland, zoals het koninklijke domein Balmoral, is het raak geweest. Iets teveel vuur tussen Wills en Kate die, zo zegt men, hier het huwelijksweekeinde hebben doorgebracht? Tijdens de rit weer eens lekker naar Runrig geluisterd, de Schotse rockband. Het was de eerste Schotse muziek waar ik kennis mee maakte na die eeuwig zuigende doedelzakmuziek 🙂 Het was nog in de tijd dat de ferry van IJmuiden naar Newcastle niet voer en ik in de Rotterdamse Beneluxhaven stond te wachten om in te schepen voor overtocht naar Hull. Vlak bij me stond auto waaruit rockmuziek klonk. Goede muziek, vond ook de eigenaar van het voertuig, een Schotse militair, op weg naar huis. Hij gaf me wat info en in Scotland ben ik op zoek gegaan naar toen nog cassettebandje van Runrig. In de loop der jaren mijn verzameling uitgebreid en zelfs eens naar concert geweest in Oban in de zaal waar het succes van Runrig ooit is begonnen. Zanger Donnie Munro heb ik later nog eens gezien, als bezoeker van het Skyefestival, Fis an Eilean. Hij maakt inmiddels geen deel meer uit van Runrig maar ook zijn nieuwe cd’s (ik heb er 2 op mijn Ipod die in de auto aan het audiosysteem is gekoppeld) zijn het beluisteren waard. Zoals gezegd, heb ik veel cds van Runrig, mar zoals het vaak gaat, raken ze wel eens in de vergetelheid. Nu dus dik twee uur lang genieten.
Op Applecross, als de tent net opstaat, de vanochtend op de radio beloofde enkele bui. Komt mooi uit. Had me al voorgenomen eens goed in het boekje van de nieuwe auto te lezen, om enkele functies te doorgrondden. Zo is er een systeem dat (indien gewenst) een alarm geeft als harder dan een bepaalde snelheid wordt gereden. Maar hoe het werkt??? Gebruikershandleidingen zijn kennelijk nooit voor de gebruiker geschreven, maar na drie keer de tekst te hebben bestudeerd en wat te hebben uitgeprobeerd, verschijnt de juiste info in de display. Ook de cruise control (in de handleiding nog steeds heel vreemd kruissnelheidsysteem genoemd) blijkt meer mogelijkheden te bieden dan ik had gedacht. En als ik op hete dag naar auto loop, weet ik nu ook hoe ik alvast op afstand de ramen kan openen. En ook hoe ik na verlaten van de auto een vergeten openstaand raam nog kan sluiten zonder portier te oenen.
Na bijna 20 jaar in mijn rode Mazda coup, is de verdeling van de (kampeer)spullen ook weer iets van uitproberen. Er is meer ruimte, maar wat is de beste, nee, meest logische plek voor alles nu ik 5 deuren (incl. de achterklep) heb? Na dikke week ben ik er wel uit en zie voor de vakanties de voordelen van een hatchback boven de coup. Voor het overige oogt de coup wel sportiever dan de ouwelullen hatchback. Tijd voor de maandagmiddagborrel.

Voor het diner in de Aplecross Inn had ik gehoopt op kreeft, maar helaas… OK, de Sirloin steak is prima en de Cranachan is beduidend beter dan die in Deacons Brodie in Edinburgh, maar toch… kreeft, met uitzicht op de zee en Raasay (eiland vlak voor Skye) was het eigenlijke doel van bezoek aan dit gat in niemandsland.

Applecross by night  Ruud F. Witte - 2011
Applecross by night


Applecross en de Applecross Inn

Afzien: geen internet (nou ja, soms ietsiepietsie WiFi van campinggebouw, maar veel stelt het niet voor). Aan de andere kant: vanuit de luie passagiersstoel in mijn auto heb ik ook uitzicht op Skye (ik denk dat het de toppen van de Cuillins zijn). Zo houd ik het nog wel een tijdje vol. Steeds minder bewolking, dus het zal wel koud zijn als ik vannacht voor kleine boodschap (na 3 pinten) de slaapzak uit moet.
Het blijkt iets anders uit te pakken. In de loop van de nacht begint het te regenen. Een buitje, dan weer droog, aar onder de morgen begint het stevig door te regenen. Het maakt in de tent altijd meer herrie, maar eenmaal buiten blijkt het echt raak te zijn. Eerst het weerbericht maar eens luisteren. Dat belooft iets beter weer voor de loop van de dag: droger, maar nog steeds kans op een bui. Hoe dan ook: het wordt in de regen tent opbreken. Look at the bright side (sic): alles is straks zo zeiknat, dat ik eens volop kan genieten van de automatische airo-installatie van de auto…

Nou, die kans krijg ik inderdaad op woensdag. Al vanaf onder de morgen is het regen, regen en nog eens regen. Meestal zeg ik dan: in een tent lijkt het altijd erger dan het is. Dit keer niet. Alles (douchen, ontbijt, afwas) moet tussen de buien door worden gedaan. Autodeur open en dicht, wachten, etc. tegen de tijd dat ik wegrijd, zijn alle ramen beslagen. Maar inderdaad, binnen no time heb ik zicht door de ramen.