Na drie jaar opnieuw opvoering gezien van De Kersentuin van Anton Tsjechov uit 1904. Het laatste stuk dat hij schreef voor zijn dood.
De recensies in verschillende kranten voor deze bewerking van regisseur Gerdjan Rijnders waren niet niet al te best (niet overdeven slecht, maar toch). De Kersentuin is het laatste deel van de trilogie TSJECHOV3 van Hummelinck Stuurman Theaterbureau. Het is het verhaal van de weduwe Ljoebov die treurt om de ontrouw van haar Parijse minnaar. Zij komt uit Parijs om de zomer door te brengen bij haar broer op het landgoed waar ze is opgegroeid. Daar wachten haar echter andere problemen. Wegens financile nood moet het landgoed worden verkocht, tenzij er zomerhuisjes op gebouwd worden voor vakantiegangers uit de stad. Ljoebov weigert de werkelijkheid en de veranderende tijd onder ogen te zien. Maar de werkelijkheid is meedogenloos
Toegegeven, ik heb beter toneelwerk gezien. Carina Crutzen als Ljoebov Ravenevskaja, overtuigt niet voortdurend. Wel prachtig werk van Jules Croiset als landeigenaar Boris Pisjtsjik en zeker Reinier Bulder als de 87-jarige bediende Firs (grappig en aandoenlijk). En ook de zakenman Jermolaj Lopachin wordt door Paul Kooij goed neergezet. Dat het om een landgoed, huis en kersentuin gaat, komt niet uit de verf. Het decor bestaat uit wat gordijnen, twee stoelen en twee krukken en een voorraadkast die in een studentenkamer niet zou misstaan..![]()
(Klik hier voor weblogverhaal vorige opvoering in Gouda door Het Nationale Toneel, op 5 januari 2010)
