Na drie jaar (vooral vanwege corona) terug in Schotland. Het land heeft me beloond met goed weer. De meeste regen viel in de nacht/vroege ochtend als ik nog in de slaapzak bivakkeerde. En na zo lange tijd (voor mijn doen) er niet te zijn geweest, weet ik weer waarom ik zo verliefd ben op de Highlands en Islands.
Besloten niet als een gek het hele land te doorkruisen. Dus geen Orkney bijvoorbeeld. Dat is voor een ander jaar. Nu vooral gemiddeld vier nachten op één plek de tent opgezet en van daaruit bekende gebieden opnieuw opgezocht en weer alle landschapsbeelden in me opgenomen.
Zoals Glen Nevis bij Fort William. Ik kom precies veertig jaar in Schotland en er is volgens mij geen jaar voorbij gegaan zonder hier gewandeld te hebben.
Er is maar één wandelroute het dal in gezien vanuit Fort William en dat is via een kloof of gorge, langs de Water of Nevis. Dat is ook meteen het zwaarste deel van de route. Een misstap op het soms gladde pad en je hebt nog één keer heel kort hoofdpijn… Oppassen dus.

Daarna ontvouwt zich een prachtig dal. De vele (nou ja, vele…) bezoekers verspreiden zich. De meesten blijven in het eerste stuk bij de touwbrug en de Steall Waterfall. Wie linksaf slaat, richting Rannoch Moor heeft de rest van de glen bijna voor zichzelf. En op een dag als vandaag is het helemaal een feestje. De zon schijnt; het is niet te warm of te koud. Ideale omstandigheden voor een wandeling van een paar uur.
Een prachtig begin van de vier weken durende vakantie. Terug in Kinlochleven waar mijn tent staat, schenk ik mezelf een flink glas whisky in als beloning. Na een maaltijd in de pub de ogen dicht en me voorbereiden op een volgende wandeling.

Corrour estate
En dat is Rannoch Moor, of beter: Corrour estate op Rannoch Moor. Ook daar moet ik elk jaar heen. Het gebied is oogverblindend mooi, maar het eigenlijke doel is Peters Rock.
Deze rotspunt op Corrour Estate heeft een plaquette voor Peter Trowell. Hij is in 1979 verdronken in Loch Ossian (verdwenen in een wak; gevonden toen de dooi goed inzette). Ter nagedachtenis is de plaquette aangebracht op deze rots.
De plek staat nu ook op de ‘stafkaarten’ van de Ordnance Survey bekend als Peters Rock. Behalve zijn naam, geboorte- en sterfdatum staat er een vers:
I have a friend, a song and a glass
gaily along life’s road I pass
joyeus and free out of doors for me
over the hills in the morning.

Dat is sinds is het de eerste keer zag, min of meer mijn levensmotto.
Na een paar dagen verzet ik via Morvern de koers naar het eiland Mull. Als altijd een heerlijke plek langs het water van de baai bij Craignure. Mooi zicht op de langsvarende schepen en de veerboot van Mull naar Oban op mainland Scotland. Me weer prima vermaakt bij Lochbuie, Calgary (strand en Art is Nature) en natuurlijk op zondag naar de kerk op Iona.

Het eiland is vooral bekend vanwege de Abbey, gewijd aan St. Columba. Nu een oord dat – voor de kenners – een heel klein beetje vergelijkbaar met Taizé in Frankrijk, maar dan niet katholiek en geen monniken. En ondanks de regen deze ochtend zit de abdij vol tijdens de dienst.
De volgende dag opnieuw naar Iona. Ben er tot nu toe steeds geweest voor de abdij, maar vandaag – opnieuw heerlijk weer – een wandeling naar de andere kant van het eiland, St. Columba’s Bay.
Wel foutje gemaakt. Ik publiceer op Facebook onder andere foto’s in de groep Schotland. Op foto’s van mijn bestemming krijg ik de melding dat dit niet St. Columba’s Bay is, maar dat die een paar kilometer verderop is. Mooi, heb ik voor volgend jaar alvast weer een bestemming.
Glen Affric
De volgende dag een flinke autorit naar Glen Affric. Dus terug via Morvern naar Fort William en daarna koers richting Inverness om bij Drumnadrochit dit mooie dal in te gaan.

Al jaren is Cannich mijn vaste kampeerplek. Een dorp van niks, maar je treft er een dorpswinkel en een pub. Het gaat me hier om het landschap. In de eerste plaats het mooie Glen Affric zelf, maar ook Glen Mullardoch.
Beide routes brengen je, net als op Mul, in een rustige stemming. e mag er 60 miles per hour rijden (tegen de 100 km per uur), maar je mag blij zijn als je op veel van de stukken weg de helft haalt. Hier niet veel gewandeld, maar wel genoten van het uitzicht. Je komt er helemaal tot rust. Een beetje Zen. Zo heet dat toch?
En al ben ik dol op de rust in de glens, een dagje de stad in, is niet te versmaden. Dus naar Inverness geweest. Valt weinig over te melden. Gewoon wat winkelen en stadsgeluiden horen, wachten voor een verkeerslicht, u kent dat wel.
De volgende halte is Skye. Ook al sinds 1982 een eiland dat ik nooit oversla. En ook al jaren kampeer ik op Sligachan, langs de route van Broadford naar de hoofdplaats Portree.

Dan doe je op een zonnige ochtend je tentdeur open en wensen de bergtoppen Slamaig en Marsco je goedemorgen. Je dag kan gelijk al niet meer stuk. En wat dacht je van de avonden. De pub Seamus Bar aan de overkant van de weg heeft ruim vierhonderd verschillende malt whisky’s op voorraad!
Nieuwe distilleerderij
Over whisky gesproken: het eiland heeft er in 2017 voor het eerst in 190 jaar een nieuwe whiskydistilleerderij bij gekregen, Torabhaig (spreek uit Toraveeg en dan een g die bijna als een k klinkt).

De eerste twee whisky’s zijn uit en ik heb die van dit jaar geproefd, de Allt Gleann. Milde peat. Niet te versmaden.
Gelijk een fles aangeschaft. Heb begrepen dat de fles in Nederland ruim 60 euro kost. ik heb er (met ter plaatse te besteden kortingsbon) ongeveer 55 euro voor betaald. Dat scheelt een slok op een borrel kun je in dot geval wel zeggen.
Een van de wandelingen op Skye voert me naar Boreraig, de ruïnes van een dorpje met die naam over de heuveltoppen, niet ver buiten Broadford.
Een tocht van netto 1,5 uur in complete stilte. Geen mens te zien. Het enige geluid komt van de wind en van de vogels.

Schoonheid
Na een uur hier genoten te hebben van de zon, de rust en het uitzicht, terug via dezelfde route. Maar omdat je die in omgekeerde richting doet, oogt het landschap als nieuw.
Wat een schoonheid. Als je ergens tot absolute rust wilt komen, is het hier wel. Tijd lijkt niet te bestaan.
Een tocht op Skye die wel op het programma stond, maar is afgevallen, is Quiraing, aan de noordkant van het eiland. Enkele jaren geleden al een klein stukje gelopen. Gaat niet door dit keer. Het parkeerterrein dat er tegenwoordig is, is overvol. Zelfs de uitloopgebieden. Dan weet je genoeg: het is hier te druk.
Wel de volgende dag de tocht naar Neist Point Lighthouse. Een korte, leuke wandeling. En dan bij de vuurtoren genieten van het uitzicht.

Cranachan
Een bezoek aan Applecross ontbreekt ook al jaren niet in mijn reisprogramma. Een peninsula in het noordwesten van het land. De rit met haarspeldbochten is altijd leuk om te doen, maar het eigenlijke doel is de Applecross Innn. Geroemd om de gezelligheid en gemoedelijkheid. Het eten is er fantastisch. En hier heb ik als toetje uiteraard Cranachan. Het is een dessert waarvan je – helaas – geen twee achter elkaar krijgt weggesnoept.
Queen Elisabeth II
Maar Ruud, hoor ik u denken, je hebt het nog helemaal niet gehad over het overlijden van Queen Elisabeth II gehad. Is dat aan de journalist die je toch bent voorbijgegaan? Nee hoor, alles gevolgd op de radio, in de krant en via de social media.
Alleen de proclamatie in St. James Palace in Londen dat hij de nieuwe koning is en een aantal geloften doet (onder andere de rechten van mijn kerk de Church of Scotland te eerbiedigen) en de begrafenis van QEII via de BBC gevolgd in mijn auto.
O ja, en – ik kon het niet laten – me nog even bemoeid met een verhaal voor mijn krant. Twee storende fouten op tijd weten te corrigeren via een intern communicatiekanaal.
De rest van de vier weken voor aantal afspraken met goede vrienden doorgebracht in Stirling en Edinburgh. Op de terugreis nog even door de map meer meer dan duizend foto’s en filmpjes gebladerd. Een aantal treft u in dit verhaal aan en hieronder in een tweetal filmpjes. Plezier er mee.
Foto-album:


leuk !
Zaterdag hooor ik meer.
Jammer dat je niet bereikbaar was per telefoon, mail, sms, o.i.d. Ik maakte me ongerust totdat ik deze blog zag.