Half november, dus vaste prik deze zondag: het International Whiskyfestival in Den Haag. Verspreid over vier uur tal van mooie malt whisky’s proeven. De een nog lekkerder dan de andere. Het kost een paar centen, maar dan heb je ook wat.
Geen kerkgang dus vandaag. Hoewel, het jaarlijkse evenement is in een kerk (de Grote Kerk in Den Haag) en de inhoud van de bijna oneindige selectie aan uisge-beatha heeft wel iets spiritueels.
Al twintig jaar is het vaste prik voor neef D. en mijzelf. Een middag plezier beleven aan een keus uit de vele whisky’s uit Schotland, Ierland, India en ook steeds meer uit Nederland (Utrecht, Rotterdam, Amsterdam).

Behalve als binnenkomertje, de Cley whisky uit mijn geboortestad Rotterdam, laten we de Nederlandse dranken aan ons voorbij gaan. Cley hebben we eerder gedronken, maar om al direct bij binnenkomst aan de whisky’s die een sterke turfsmaak hebben en hoog in het alcoholpercentage zitten… Deze driemaal gedestilleerde Cley is 40 procent en gemakkelijk drinkbaar. Niet complex.

Iers
Daarna toch maar aan het serieuze werk begonnen. Bij Bresser en Timmer – een stand die we elk jaar bezoeken vanwege kennis die daar staat – laten we ons verrassen met een 12 jaar oude Ierse whiskey: Hinch Amarone.
Het laatste deel van de naam verwijst naar de vaten van dat Italiaanse wijnhuis waarin de whiskey enkele jaren opgeslagen is geweest. Goudgeel van kleur en een heerlijke ‘neus’ en smaak.
Daarna bij Kilchoman de Sauternes geproefd; een naam die verwijst naar de Franse wijn. Heel mooi. Later in de middag zullen we bij andere stands nog wat Sauternes whisky’s proeven.

Volgens mij zijn het er meer dan eerdere jaren. Heeft de (Schotse) whisky-industrie nieuwe rijpingsvaten ontdekt voor een speciale smaakbeleving?
Heel fraai is ook de Glencadam Origin 1825 (het jaartal verwijst naar de oprichting van deze distilleerderij) uit het oosten van Schotland. Geen Speyside, maar zuidelijker gelegen, tussen Aberdeen en Dundee. Met 40 procent alcohol niet zwaar. Wel lekker. Dat komt mede door de relatief korte tijd dat deze whisky nog in ex-sherry vaten opgeslagen is geweest.
Lekkerder
Uiteraard ook bezoek gebracht aan de stand van Ardnamuchan, de relatief jonge distilleerderij die ik in enkele jaren tijd tijdens mijn Schotse reizen gebouwd heb zien worden op Morvern. En inmiddels ook heb bezocht. Als je er eens bent geweest, smaakt zo’n whisky toch net wat lekkerder.
Datzelfde geldt voor distilleerderij Arran op het gelijknamige eiland aan de Schotse westkust. De enige die op kruipafstand van mijn kampeerplek is te vinden. Niet dat je er dronken vandaan komt hoor. Tijdens een bezoek aan willekeurig welke Schotse distilleerderij krijg je twee of drie proefglaasjes voorgeschoteld. En voor wie moet rijden, kan na het ruiken de inhoud van de glaasjes in mini-flesjes worden gegoten om mee te nemen. Vandaag in Den Haag proeven we de 18 jaar oude Arran.

Terug naar de Ardnamuchan, want hier proefden we opnieuw een Sauternes, nu peated (turfachtig). Fantastisch!
Van het eiland Islay proeven we nog de Coal Ila 2007 (sherry vat finish) van Maurice van Wees die geïmporteerde (Islay) whisky’s uitbrengt onder het eigen label The Ultimate.
De 2007 is niet te versmaden. Hetzelfde geldt voor de 18 jaar oude Glenmorangie Infinita uit verre noorden van het vasteland van Schotland.
Israël
Na jaren ook de stand van Milk & Honey, die Israëlische distilleerderij. Politiek correct of niet, de Terroir Sea of Galilee uit het gebied waar het Meer van Galilea en de rivier de Jordaan samenkomen is heerlijk van smaak. Met 56,2 procent wel hoog in de alcohol. Het thuis nog een fles van vele jaren geleden. Die deze week nog maar eens openmaken.
Wat D. en ik ook al jaren doen is aan het einde van de vier uur durende sessie is een mini-flacon vullen met de whisky die we het meest hebben gewaardeerd. Dat is dit jaar de Mac-Talla Lighthouse edition 2024.

Mac-Talla is geen distilleerderij. Deze malt whisky’s worden uitgebracht door de familie Morrions die zich al jaren richt op het ‘vangen’ van mooie Islay whisky’s. Dat is in dit geval volgens ons meer dan gelukt.
De Lighthouse edition 2024 wordt na opgeslagen te zijn geweest in Bourbon vaten, nog een tijdje deels opgeslagen in sherryvaten en deels op Bordeaux wijnvaten.
Met 54 procent ook weer hoog in de alcohol. De smaak komt ‘los’ door een paar druppels watrer toe te voegen aan ons glas.
Die drinken we komende zondag. Nog even uitzoeken waar deze whisky te koop is. Met iets meer dan 90 euro wel aan de prijs, maar voor onder mijn kerstboom…
Over een jaar, zondag 15 november, eens kijken wat voor moois we dan weer kunnen proeven op het International Whisky Festival in Den Haag.
Zoals bovenaan gezegd: het kost een paar centen. De entree is bijna 50 euro. De standaard whisky zijn daarbij ingegrepen. Maar je komt natuurlijk vooral voor de bijzondere whisky’s. En daarvoor moet extra in de buidel worden getast. Deze middag komt het voor ons op nog eens 30 euro per persoon.
Het leven is een feestje en we hebben zelf de slingers opgehangen.
