Feestdag voor mezelf

50 jaar in ‘het vak’ vandaag. Op 1 oktober 1975 stapte ik de professionele journalistiek in als (leerling-)redacteur economie bij een tweetal vaktijdschriften.
In de decennia daarna verruilde ik dat voor het snellere print dagblad en de laatste jaren het nog snellere online bij AD Groene Hart. Down Memory Lane daarom vandaag naar waar het allemaal begon.

Moeilijk te vinden is die allereerste redactieruimte in Amsterdam niet. Ben er in het verleden nog wel eens langs gelopen. De laatste keer in coronatijd, toen je niet veel mocht mar wel met mondkapje op per trein naar Amsterdam. Kon er uiteraard niet naar binnen. Nu weer niet, vanwege verbouwing of (groot) onderhoud.

Het mag de pret niet drukken. Het weer is perfect voor een wandeling door het gebied rond het Leidseplein en het Vondelpark. Hoewel er het in de hoofdstad het nodige veranderd is, roept de rit per trim van Amsterdam CS via de Nieuwezijds Voorburgwal, Koningsplein en Leidsestraat naar het Leidseplein herinneringen op. OK, het was vroeg in die ochtend donkerder dan nu, maar toch…

Is er veel veranderd aan de wandeling van de tramhalte op het Leidseplein naar mijn werkplek? Tuurlijk wel. Het sjieke en dure wooncomplex Byzantium bestond nog niet en het Mariott hotel was nog in aanbouw (ja, met hert gedreun van de heimachine) en de bank als buurman, Labouchere is er ook al lang niet meer zo te zien.

Verbouwd
Maar de panden van de toenmalige uitgeverij Diligentia waar ‘mijn’ vakbladen Foodpress en Distrifood toe behoorden zijn er nog wel. Van buiten dan. Binnen wordt er flink verbouwd zo te zien. En niet voor het eerst. Namen van een advocatenkantoor en van kledingmerk Tommy Hilfiger die ik in coronatijd op bord aan de gevel zag, zijn weg.

Het doet er vandaag niet toe. Ik zet vlak voor de entree, waarvan de deurpost verzakt is, een voetstap, net als vijftig jaar geleden. Toen toch een beetje angstig als 18-jaririge Gouwenaar in de grote stad (‘wat staat me te wachten hier’) en nu met pure nostalgie.

OK, de hoek rond Tesselschadestraat, Vondelstraat en Roemer Visscherstraat is niet het meest enerverende stukje 020 (als geboren Rotterdammer kan de naam van de hoofdstad niet goed uit mijn bek krijgen natuurlijk…), maar hier vandaag toch weer even staan, heeft wel iets.

Draaiorgel
Ken de hoek (helemaal links op de foto hierboven) nog van het complex waar mijn bureau was. Eén hoog. Uiteraard niet aan het raam. Die plekken waren voor de seniors.
Wat ik me wel herinner van het hoekraam (zie foto boven dit verhaal) is dat eenmaal in de week het draaiorgel langs kwam en dat collega’s (ik niet, echt niet!) een stuiver vanuit het raam naar beneden gooiden, dus dat was rapen voor de orgelman. Heel fout zouden we nu zeggen. Maar toen…

O en in die tijd (mensen die mij kennen kunnen zich dat nu niet voorstelen) kon in het niet weerstaan: in de kelder onder onze redactieruimte was het bedrijfsrestaurant waar de chef elke dag behalve voor de grote kannen koffie ook voor de soep en de kroketten zorg droeg. Behalve een tweetal maanden in het jaar, want dan reisde hij naar familie in Marokko. Om ons daarna de foto’s te laten zien van weer een gezinsuitbreiding sinds zijn vorige bezoek.

Na mijmeren op de Tesselschadestraat koers gezet naar het Vondelpark. Daar heb ik regelmatig bij goed weer rondgewandeld tijdens de lunchpauze. Hier ben ik echt al die vijftig jaar nooit meer geweest. OK, niet direct, wel schurend langs de rand als ik hier was voor concert in Orgelpark.

Wat een mooi park, zeker als, zoals vandaag, de zon volop schijnt. De wandelpaden, de bankjes. De fonteinen… Wie zou hier niet trots op zijn. Nou, ik vijftig jaar geleden niet, althans niet bijzonder. Het was een lunchpauzewandeling.

Dorrius
Voor het aanvangen van de terugwandeling naar Amsterdam CS nog één gemist. Ging meestal na 17.00 uur terug per tram naar het NS-station. Zeker in de wintermaanden in de regen werd je hongerig. Dan op de NIeuwezijds Voorburgwal kwam je langs restaurant Dorrius. Daar rook je vanuit een kraam de gebakken mosselen. In die tijd nog geen geld en tijd om iets te kopen. Met hongerige maag dus naar Gouda waar mijn moeder een prakkie had bewaard voor me.

Mijn vader en moeder vonden het wel mooi dat ik de journalistiek was ingegaan. Maar pas later, toen ik voor Rijn en Gouwe (nu opgegaan in AD Groene Hart) stadsverslaggever voor mijn woonplaats Gouda werd.

De eerste jaren voor dat dagblad kenden wisseldiensten en dat betekende dat ik niet zelden diep in de nacht nog even naar de opmaakredactie in Den Haag ging per auto en bij vertrek aldaar een verse krant mee nam. Die legde ik bij thuiskomst op de tafel in de woonkamer. Terwijl ik net in ben lag, hoorde ik mijn moeder naar beneden gaan om alvast de krant te lezen…

Long story short… Binnen Rijn en Gouwe en later AD Groene Hart vervulde ik verschillende functies en laat ik vooral ook mijn langdurige inzet voor de onvolprezen vakbond/-organisatie NVJ (Nederlandse Vereniging voor Journalisten) niet vergeten.

De vaktijdschriften (weekbladen) in Amsterdam heb ik verlaten vanwege de tijd die er zat tussen verhaal maken en het bereiken van de lezer in die tijd (geen internet!!!). In de laatste jaren tot mijn pensioen mocht ik vooral online actief zijn.  Sneller, sneller, sneller en 24/7!

Pionier
Als pionier. Kennelijk met gedachte van redactieleiding van als die ouwe (60+) het kan, kan iedereen het…
Ergens diep in de nacht info krijgen over een brand of wat dan ook en dat dan meteen op de website zien te krijgen. Soms met hulp van de nachtwachten van het AD in Canada, USA en Zuid-Amerika. Het waren de mooiste laatste jaren van mijn journalistieke carrière.

Heb ik dus ergens spijt van gehad? Nee, niet echt. OK, net als in elke baan waar je lang in blijft, zijn er minpunten, maar de balans opmakend heb ik een prachtige tijd gehad. Mijn werk voor de krant(en) en zeker ook mijn vakbondsactiviteiten van de NVJ voor de collega’s overal in het land kijk ik met genoegen terug op die halve eeuw.

Blunders
En nu? Achter de geraniums?. Zeker niet! Ben voor mijn kerk net zo actief als in mijn journalistieke jaren, zowel in Rotterdam als in (met name) Europa. En dat hoop ik nog een aantal jaren te mogen doen. Luiigheid is des duivels oor kussen, of zoiets.

En ik kan het niet laten. Soms kom ik op de website van de krant (taalkundige) fouten/blunders tegen en dan kan ik het niet laten. Afhankelijk van de (oud-)collega van dienst wordt die fout aangepast, maar steeds vaker ook niet. Wel jammer, want zoals ik mijn collega’s altijd heb voorgehouden: als het gebruik van goed Nederlands al wordt genegeerd, hoe zit het dan met de inhoud van het artikel…!!!

Nu niet meer achteruit kijken. De blik op de toekomst. Nog vijftig jaar mijn journalistieke DNA volgen? Dat is misschien teveel gevraagd. Maar een paar jaar/decennia toevoegen aan dit fantastische (journalistieke) leven zou wel mooi zijn.

Nu mijn eigen jubileum ff vieren met een mooie dram!
Slaìnte!

Weer een ietsepietsie journalistieke klus

Het is, na instemming General Assembly (synode) van de Church of Scotland vanochtend nu officieel: ben benoemd tot lid van de Advisory Committee (adviesraad) van het maandblad van de Church of Scotland, Life and Work.

Zit een mooie uitdaging in voor mij. De print editie kost de Church of Scotland steeds meer geld. En dat wordt in deze tijd niet meer verantwoord geacht. Er is dus een transitie nodig naar steeds meer online abonnementen.

Bij de krant heb ik een beetje vergelijkbare transitie meegemaakt. Ik hoop vooral bij te dragen hoe je jongeren in de kerk kunt aanspreken voor het magazine. Dus meer verhalen die die doelgroep aanspreekt.

En nee, het betekent niet met enige regelmaat voor overleg naar Edinburgh. Weet al uit vooroverleg eerder dit jaar dat het allemaal online wordt gedaan.

25 jaar weblog Puffinnest

Mijn weblog bestaat vandaag op de kop af 25 jaar.

Een soort dagboek, maar niet met elke dag een bijdrage. Alleen als ik zin heb en iets het waard vind om er over te schrijven. Terugblikkend zijn het toch veel stukken in die kwart eeuw. Teruglezen (niet alles, maar enkele die qua kop boven een verhaal me opvallen) roept herinneringen op. Zeker die over vakanties in Scotland.

De verhalen van de eerste jaren moeten het zonder video’s en foto’s doen. Die zijn enkele jaren geleden bij het overzetten van de stukken van de ene software naar de andere verloren gegaan helaas.

Jubileum geen reden om het toetsenbord aan de wilgen te hangen, integendeel. Wel om er vanavond met mezelf het glas op te heffen.

Laptop en telefoon zaak ingeleverd: nu ècht weg bij de krant.

Officieel nog een week te gaan tot mijn pensioen, maar vanochtend mijn laptop en werktelefoon al ingeleverd bij de servicedesk van mijn krant. In de praktijk zit het werk er nu op, want kan niet meer bij mijn emails en ook niet meer gebeld worden voor een artikel of een overleg.

Vreemd gevoel wel de komende dagen. Heb al sinds 1 oktober vakantie (dagen opmaken), maar kon het soms toch niet laten vanuit huis nog even bij te springen bij een grote brand of zoals afgelopen maandagochtend nog bij een mogelijke schietpartij in Alphen aan den Rijn. Nu dus niet meer. 

Zoals de overgang van werk naar lange vakantie me moeiteloos is afgegaan, zal het ook snel wennen dat ik helemaal geen directe bijdrage kan leveren aan de website van AD.nl. Hoewel, als ik nieuws tegenkomen zal ik waarschijnlijk wel de oud-collega’s tippen en mogelijk nog een foto doorsturen via andere kanalen. 

Moord
Het bloed blijft immers kruipen waar het niet gaan kan. Wat wil je ook: 48 jaar in de journalistiek, waarvan 45 jaar bij AD Groene Hart en voorloper Rijn en Gouwe. Alles kunnen en mogen doen in de regio en daarbuiten. Moord en doodslag (zoals op een 8-jarig jongetje in Gouda in september 1984 met zijn moeder als dader!), het oprollen het volgen van de rechtszaken van de motor- en terreur Black Harleys in 1982.

Drie reportages in het door oorlog geteisterde Belfast (foto boven dit verhaal), een bijlage met verhalen uit alle zustersteden van gemeenten in te regio ter gelegenheid van de eerste Europese Verkiezingen in 1979 (de drukplaten sieren nog altijd een muur in mijn woonkamer), het verslaan van evenementen in Gouda (Kaarsjesavond, Randstad Jazzfestival).

En het bijwonen van een concert van Deep Purple in 1999 in de Royal Albert Hall in Londen (Goudse componist had verdwenen bladmuziek van Concerto for Group and Orchestra uit 1969 en dat werd daar dus na 30 jaar voor het eerst weer uitgevoerd). En deze zomer nog een ‘ik-verhaal’ over hoe het is om conducteur te zijn in een trein) en een ontelbaar aantal andere verhalen.

Ben – of was moet ik nu zeggen – de oudste op de redactie, maar was desondanks wel de eerste die mocht experimenteren met voor de website van de krant te schrijven. Dus geen deadline meer aan het einde van de avond, maar 24/7. Geweldig dat ik daarvoor werd benaderd. Van weekblad naar dagblad naar 24/7-website.

En ja, ik was dus ook zo gek dat als ik in de nacht de site met 112-meldingen bekeek en ‘groot nieuws’ zag, de laptop opstartte en bericht tikte. Alles voor de bezoeker van de site.

Collegialiteit

Als senior was ik zeker de laatste jaren de vraagbaak voor collega’s. ‘Hoe zat het ook alweer met…’, ‘hoe heet…’ ‘hoe zou jij…’ en dat soort dingen. Maar ook bij de installatie van een nieuw softwareprogramma voor de laptops of de technische man bij problemen met de printer. Zie bijzonder gewaardeerd kort filmpje onderaan.

Wat als belangrijkste in mijn geheugen zal blijven, is het contact en de omgang met collega’s. Collegialiteit is uiterst belangrijk als het gaat om het werken bij een nieuwsmedium als de krant. Zeker nu dankzij de moderne middelen het nieuws dat altijd doorgaat ook snel op de website moet.

Uiteraard zijn er ook tegenslagen en tegenwerkingen geweest, maar die zijn ondergeschikt aan de rest. Het waren al met al 48 fantastische jaren.

Als allerlaatste nu even nog de ov-pas van het bedrijf op de post doen.

Feestje met mezelf

Feestje met mezelf vandaag. Precies 45 jar geleden, op 1 oktober 1975, stapte ik via de deur die op bovenstaande foto staat, de journalistiek binnen.

Werd aangesteld als redacteur bij het vaktijdschrift voor de supermarkt en de groothandel in voedings- en genotmiddelen, Distrifood. Of eigenlijk ook bij Foodpress, dat voor diezelfde groothandels was/is voor en de voedings- en genotmiddelenindustrie. Met tal van andere vaktijdschriften behoorden beide bladen tot uitgeverij Diligentia, onderdeel van VNU Business Publications.

Een heel ander tijd was het. Internet bestond nog niet. Nieuws kwam binnen per post, telex en ouderwetse telefoon met draaischrijf (de grijze T65 voor de kenners). Vreemd voor mij ook om als 18-jarige vanuit Gouda elke ochtend met de trein van 07.10 uur naar de grote stad Amsterdam te reizen. En ’s middags om 17.00 uur terug naar huis.

Schoolkrant

Hoe daar terechtgekomen? Ach, ik werkte al vanaf mijn twaalfde in de vakanties en later ook op de zaterdag in de supermarkt, A&O aan de Dunantsingel in Gouda. Kreeg daar elke week Distrifood mee. En daar stond de vacature voor leerling-journalist in. Ze zochten iemand met ervaring in het levensmiddelenvak. Nou, dat had ik wel. De baan sprak mij aan, want al stond het in geen verhouding tot het latere werk, ik hield van het schoolvak Nederlands en was al paar jaar (hoofd)redacteur van de schoolkrant.

Op eenhoog, maar geen raamplek voor de krullenjongen natuurlijk.

De leerschool in Amsterdam was hard, maar mijn ziel- en zaligheid lag zo in het beroep, dat ik het na drie jaar niet meer kon aanzien dat een mooi verhaal dat ik had pas na een week bij de lezer van Distrifood of Foodpress terecht kwam.

Daaraan werd tegemoet gekomen toen ik in oktober 1978 de overstap maakte naar het dagblad, Rijn en Gouwe. De eerste willen zijn met het nieuws werd ondersteund door het hebben van een concurrent, Goudsche Courant. Rijn en Gouwe groeide en groeide. En al die jaren veel leuke collega’s gehad.

Sinds 2005 zijn beide kranten opgegaan in AD Groene Hart. Daar werk ik nog steeds met veel plezier.
De laatste jaren is het vak nog aantrekkelijker geworden door de opkomst van website en app. Nieuws dat zich nu afspeelt, kan over een paar minuten met foto en al online staan. Ik hoop het tot mijn pensioen (over dik drie jaar) te mogen blijven doen.
Dan dus 48 jaar in het vak. Net geen rond getal om afscheid te nemen. Tenzij ik die paar jaar schoolkrant er bij optel.

Paraplu

Terug naar vandaag. Het moest een feestje zijn, beetje rondkuieren door de Tesselschadestraat en omgeving, niet ver van het Leidseplein. Net als toen met de stoptrein van Gouda naar Amsterdam en de tram van Amsterdam CS via de Nieuwezijds Voorburgwal en de Leidsestraat naar het Leidseplein.

De regen verziekt dat een beetje. Ik dool wat rond onder mijn paraplus en maak foto’s van de gebouwen waar Diligentia gevestigd was.
Uitgevonden welk bedrijf in het deel van het geschakelde pand zit en erheen gebeld. Dame aan telefoon hoort mijn verhaal aan, zou het leuk vinden om mijn oude werkkamer te tonen, maar ja, door corona werkt iedereen thuis, dus… Post-corona ben ik van harte welkom, maar ja, het ging mij op deze 1 oktober.

Dus terug naar huis om met mooi glas whisky mijn eigen feestje voort te zetten.

Ken Uw Stad Quiz

Bij de lokale omroep Gouwestad zijn vanmiddag de opnamen geweest van de allereerste Ken Uw Stad quiz, afgekort de KUS quiz.

Was erbij, omdat de quiz is overgedragen van de opgeheven Goudse mediasociëteit Kwartaalclub. Die had op haar beurt de quiz enkele decennia geleden geleend van de ook niet meer bestaande ziekenomroep Agro (Amateur Goudse Radio Omroep).

Teams van drie spelers die vragen moeten beantwoorden over Goudse weetjes op het gebied van politiek, historie, gebouwen/straten, sport en noem maar op. Heb voor de Kwartaalclub jarenlang de vragen bedacht, omdat ik eerder als deelnemer zo vaak had gewonnen, dat het niet leuk meer was voor de andere deelnemers.

Uiteraard ga ik hier niet de vragen en antwoorden verraden die in de quiz bij Gouwestad voorbij zijn gekomen. Ook niet welk team vanmiddag heeft gewonnen. Wie het wil zien, Beker kleinmoet de eerste week van januari maar op tv kijken (als je in het gebied van kabelstichting Rekam woont) of vanaf diezelfde periode op het YouTubekanaal van Gouwestad.

Voor het winnende team was er in elk geval de Fer Groeneveld bokaal (hier links), vernoemd naar de oprichter van zowel de Agro als Gouwestad.

 

Persvrijheid

 

Twitteractie voor vrijlating journalist Okke Ornstein

(van de website AD.nl)

De Nederlandse Vereniging voor Journalisten (NVJ), een vakbond voor journalisten, is een twitteractie begonnen voor de ontvoerde journalist Okke Ornstein. Ornstein werd vorige week dinsdag opgepakt in Panama, vanwege artikelen die hij op zijn weblog Bananama Republic publiceerde over dubieuze activiteiten van de Canadese zakenman Monte Friesner in Panama.

Ornstein moet volgens de NVJ drie jaar en vier maanden de Panamese cel in. De aanklacht luidt smaad en laster. Eerder zou hij een straf van slechts twintig maanden krijgen, maar volgens Panama wordt die celstraf uit 2012 nu pas uitgevoerd. De huidige veertig maanden zouden een optelsom zijn. Waarom Ornstein nu is opgepakt, is niet duidelijk. De journalist reist al jaren in en uit het land.

#FreeOkkeOrnstein

Op Twitter voert de NVJ sinds vandaag actie met de hashtag #FreeOkkeOrnstein. Die hashtag is ondertussen trending op het sociale medium. ,,We signaleren dat er, anders dan bij andere recente voorbeelden als Ebru Umar, weinig aandacht voor hem is, ook al zit hij toch al een week achter de tralies”, vertelt Thomas Bruning van de NVJ.

,,Buitenlandse Zaken doet wat ze kan, maar Panama is ook erg gevoelig voor media-aandacht. Bovendien is in de schijnwerpers staan volgens mij het meest krachtige wapen wat journalisten hebben.”

Corruptie
Opvallend is volgens Bruning dat Panama volgende week een anti-corruptiecongres heeft in Panama. ,,Dan hebben ze wel wat uit te leggen. okeJe kunt niet zeggen dat corruptie slecht is en vervolgens een journalist oppakken die precies daar over schrijft. Dat is tegenstrijdig.”

Hoe het nu met Ornstein gaat, weet Bruning niet precies. ,,We hebben contact met hem via zijn dochter, zijn partner in Panama en via zijn advocaat, maar dus niet rechtstreeks. Maar ik maak me geen zorgen over zijn gezondheid. Volgens mij heeft hij het allemaal vooral een beetje onderschat. Hij dacht dat ze van alles zouden roepen en het vervolgens niet uit zouden voeren, maar dat zit dus anders.”

Buitenlandse Zaken
Roel van der Meij, woordvoerder voor het ministerie van Buitenlandse Zaken, laat weten dat er intensief contact is met Ornstein. ,,De ambassade is er direct op gesprongen toen we hoorden dat Ornstein was opgepakt. We hebben ook snel een goede advocaat voor hem ingeschakeld.”

Zondag liet het ministerie al weten de zaak op de voet te volgen en in nauw contact te staan met de freelance journalist, zijn familie en de NVJ. Ornstein is inmiddels meerdere keren bezocht door de Nederlandse ambassadeur en een medewerker van de ambassade. Het ministerie van Buitenlandse Zaken heeft ,,op verschillende niveaus” aandacht van de Panamese autoriteiten gevraagd voor de zaak.

Stop geweld tegen journalisten

2 November is de Internationale dag tegen straffeloosheid (‘impunity’) voor geweld tegen journalisten. In de afgelopen tien jaar zijn meer dan 700 journalisten vermoord. Nog veel meer journalisten over de hele wereld hebben te maken met censuur, intimidatie, ontvoeringen, verdwijningen en folteringen. Slechts een op de tien misdaden tegen journalisten heeft de afgelopen tien jaar tot een veroordeling geleid, blijkt uit cijfers van de VN. Dat betekent dat in negen op de tien zaken de moordenaars ongestraft blijven.

Plegers van misdaden tegen journalisten beseffen dat zij journalisten kunnen aanvallen zonder zich voor de rechter te hoeven verantwoorden. Dat moet stoppen”, zegt Leon Willems, directeur van Free Press Unlimited. “Nergens ter wereld zou een journalist zijn leven moeten riskeren om het nieuws te brengen.
(Tekst organisatie Free Press Live 2016)

Niet voor het eerst grijp ik de gelegenheid aan om even stil te staan bij de donkere kant van mijn vak. Als regioverslaggever kan ik in relatieve vrijheid mijn werk doen. Mar er zijn collega’s die (dagelijks) gevaar lopen als ze verslag doen van misstanden ergens in de wereld. Er niet heengaan en veilig thuis blijven zitten op de bank, is er niet bij. Ze zijn het aan hun vak verplicht om op pad te gaan naar die oorden. Respect daarvoor.

Een van die journalisten die met zijn indrukwekkende verhalen blijft de wereld de open opent, is mijn oud-collega bij AD Groene Hart, Klaas van Dijken. Hij kreeg op Free press Live 216, vanmiddag in Den Haag, de Best Report Award*  voor twee artikelen: “Darfur, oorlog zonder einde“, Trouw, 11 april 2015, “En de stad Golo krijste”, Trouw, 7 mei 2015.

Aan het slot van de bijeenkokmst was er een indrukwekkende speech van Leon Willems, directeur van Free Press Unlimited. Hieronder zijn verhaal, ter overdenking.
,,At the end of this afternoon full of inspiration, sadness, engagement and depth, I am not going to repeat numbers or stress how important this is. You know it is, I know it is. We need to move from words to action. Today I feel the urge to give you some perspectives and I hope we can together unite. This is my call to action.

First of all, we have to stand together and acknowledge our collective responsibility because there is no silver bullet solution. There is no one size fits all safety mechanism. Media houses: tell the stories There is a change needed in media houses. Often reporters hesitate to report about the trouble they have while reporting. In light of what we have heard today, we need to change that. All media houses should report more and in depth about how journalists are murdered and why nothing is done about it. If we don’t report about it and ask for attention to it all the time, how can we expect others to prioritise it?

I give you the example of the Pakistan Press Foundation. They managed to effectively push for the media sector in Pakistan to show solidarity. Media houses agreed that from that moment on every attack on a staff member would be covered by all of them. ‘An attack on one of us is an attack on all of us.’ As a result the media started to do non-stop coverage of cases of violence against journalists that occurred, which resulted in these cases being taken up by authorities and the release of journalists. It ended the cycle of impunity.
I call for the establishment of a trust fund for journalists. You have heard that 95% of the journalists killed are local journalists. Often they are uninsured, and have no access to protective gear and training. We rely on them to bring us the news from those areas we are too scared to go to ourselves. I am calling on everybody here to create an international trust fund to help these colleagues.

logo-free-pressBuild capacity to prosecute and investigate. When journalists are harmed we often leave it up to them and their colleagues to investigate what happened and pursue justice. So we leave it up to journalist Claudia Duque from Colombia to investigate the murder of fellow journalist Jaime Garzón. She is the only one who bothered and is paying for it dearly. In the end it is the friends, colleagues and family of Stan Storimans who pursue justice.
There is another step needed to end impunity. When prosecution on the ground is lacking, we need an actor to take up this role on an international level. Because in the case of Dutch journalist Stan Storimans the investigation that was undertaken proved beyond doubt that a Russian cluster bomb was the source of the attack. The same goes for the case of Dutch journalist Sander Thoenes, who was killed in 1999 in East Timor. We can with almost full certainty say that three identified soldiers of the Indonesian army were responsible for his killing, but prosecution did not follow. We have to create independent research capacity, international prosecutors and investigative judges, that can handle the investigation after violence against journalists has taken place, when states fail to do so.

Investigate, trial and punish. That is the only way we can break the cycle of impunity. Killing journalists is a war crime, for which we need international prosecution.

My name is Leon Willems, and I stand up for journalists and justice. I will do my utmost to turn these ideas into actions as director of Free Press Unlimited and cooperate with our partners. I invite you to join me today to commit to act to end the impunity for violence against journalists.”

*Best Report Award is de onderscheiding voor de beste buitenlandreportage die is gemaakt met steun van het Postcode Loterij Fonds voor Nederlandse journalisten. De prijs (waaraan een geldbedrag van 10.000 euro is verbonden) is dit jaar voor het eerst uitgereikt en is in het leven geroepen door Free Press Unlimited en de Nationale Postcode Loterij. Het fonds stelt journalisten in staat om reportages over mens en milieu te kunnen maken in ontwikkelingslanden en conflictgebieden.


Klaas van Dijken is freelance journalist. Hij werkt als verslaggever in conflict gebieden en landen met repressieve regimes waaronder Soedan, Zuid-Soedan, Somalië, Afghanistan en Eritrea. Zijn werk is wereldwijd gepubliceerd in kranten, tijdschriften, op website en televisie. 

De Most Resilient Journalist Award werd uitgereikt aan de Pakistaanse Journalist Hamid Mir. Hij overleefde meerdere aanslagen op zijn leven, ontvoeringen, arrestaties en aanvallen. Ondanks alles blijft hij in Pakistan om als journalist te blijven werken. Hij zegt het land niet te kunnen verlaten omdat hij daarmee veel jonge Pakistaanse journalisten zou ontmoedigen. Met de Most Resilient Journalist Award wordt een journalist of mediaprofessional onderscheiden die uitzonderlijke moed en doorzettingsvermogen heeft getoond om het nieuws te brengen. 

De Nigeriaanse journalist Fisayo Soyombo ontving de Newcomer of the Year- Hans Verploeg Award. Deze award is een erkenning voor een nieuwe talentvolle journalist die heeft laten zien met grote zeggingskracht verslag te kunnen doen. De jury, onder leiding van Inge Brakman, roemde Soyombo om zijn dappere undercoverjounalistiek en zijn vernieuwende aanpak in een land waar corrutie onder journalistiek eerder regel dan uitzondering is. 

 

InternOt

Na 1,5 week nog steeds internetprobleem via KPN. Gebeld door de ene na de andere afdeling, Al 2 x 2 monteurs over de vloer gehad en medewerkers van bedrijf Het Exper Team. 3 modems verder, maar niks, noppes, nada. Het enige dat al die tijd lukt, is e-mail ontvangen.

Dat is te zeggen, via de vaste lijn. KPN ziet dat het niet mijn probleem is en heeft inmiddels een dongel (zie foto onder) geleverd als noodverbandje. Ik kan dus weer chatten, twitteren, mijn weblog bijwerken en facebooken uit een bundel van 20 Gb. O ja, en morgenochtend mijn eigen krant downloaden en lezen.

Probleem zit niet in de bekabeling o.d. in huis, ook niet in de telecomkabel in straat. Tot in de telefooncentrale is alles OK. Het zit dus verder, dieper in de KPN-krochten. Maar waar? De KPN’ers komen er zelf ook niet achter kennelijk. Ik word al dagenlang door wisselende contacten van de ene afdeling naar de andere doorverbonden. Het eindigt meestal met de boodschap, dat mijn probleem naar een hoger gelegen (lees: deskundiger) afdeling wordt ‘doorgezet’. Na anderhalve week verbaas ik me over het aantal afdelingen en medewerkers bij KPN. En al die afdelingen en medewerkers zijn dus al anderhalve week (ik herhaal: anderhalve week!) niet in staat mijn internetprobleem op te lossen.

dongel

WiFi-apparaat of dongel  van KPN.

Wordt vervolgd