Na bezoek aan vestingstad Gorinchem vier maanden geleden en Heusden in februari besloten vandaag vestingstad Naarden met een bezoek te vereren. Deze wint het van de andere twee…
Wellicht door de omvang, het lommerrijke gebied waar vooral stilte heerst, is een bezoek aan de vestingwallen (onderdeel van de Hollandse Waterlinie) in Naarden een bezoek meer dan waard. Geparkeerd nabij de weekmarkt en dan een willekeurig pad omhoog langs een van wallen en je hebt meteen de stadse drukte achter je gelaten. Een oase van rust.
Lopen en nog eens lopen, het beeld verandert steeds. Het is een vesting met dubbele stadswallen, een vestinggracht, bastions, stadspoorten en verschillende functionele gebouwen (deels uit de zeventiende eeuw stammend) als wapenopslag of soldatenverblijf. Dit is pas een vestingstad met een hoofdletter V.
Een aantal gebouwen is nu in gebruik als bijvoorbeeld atelier of restaurant.
Stadhuis Ook binnen de vestingstad zelf valt genoeg te zien. Zoals de Sint-Vituskerk (bij het grote publiek vooral bekend vanwege de jaarlijkse uitvoering van Bachs Matthäus Passion) en het stadhuis uit 1601.
Mooie trouwzaal, maar die kan natuurlijk niet tippen aan die in het stadhuis van Gouda…
Gelet op de weersvoorspelling voor vandaag niet de complete omtrek van de vestingwerken bezocht. De rest bekijk ik een volgende keer. Het is toch al geen straf wat uren door te brengen in Naarden.
Al eens langsgelopen als ik in Rotterdam was, maar nu naar binnen: Miniworld. Fantastisch om te zien en zelfs mijn geboorteplek gezien: de Breepleinkerk.
OK, de echte plek waar mijn wiegje stond, ontbreekt in de, ja, hoe noem ik het: Rotterdamse overdekte miniversie van Madurodam, Klein 010?
De reden om de Breepleinkerk ‘op Zuid’ hier te plaatsen is de orgelzolder, de plek achter het kerkorgel waar in de Tweede Wereldoorlog onderduikers zaten verstopt.
Ik ben geboren in de kosterswoning aan de zijde van de Van Malsenstraat. Is nog steeds verbonden met de kerk, maar in het schaalmodel ontbreekt het huis.
Niettemin leuk om de plek hier terug te zien. Ben jaren geleden tijdens jubileum van de kerk, met mijn oudste zus nog kosterswoning in geweest en gezien waar mijn wiegje heeft gestaan. Een bijzonder moment.
Fyra Genoeg gemijmerd. Bij binnenkomst in Miniworld had ik geen idee de kerk te zien. Ik ging om de treintjes te zien rijden. Nou, daar ben ik niet in teleurgesteld. Trains galore! om het in het Schots te zeggen.
Ze rijden af en aan over de banen in de grote zaal van Miniworld. Treinen van nu, oude al lang uit de dienst genomen rijtuigen, veel goederentreinen die horen bij een grote havenstad. En de enige Fyra die nog steeds in Nederland rijdt, vind je hier.
Mooie schaalmodellen verder van bekende Rotterdamse eyecatchers, zoals de Erasmusbrug, stadion Feyenoord (de Kuip), Ahoy, diergaarde Blijdorp, de gebouwen van de Maastunnel, Euromast, de haven, Euromast, het Noordereiland, de kubuswoningen, Hofplein.
En het in mijn ogen mooiste station van Nederland: Rotterdam Centraal.
RDM Wat ik mis? Als kleinzoon van de medebouwer bij de Rotterdamsche Droogdok Maatschappij (RDM) had ik graag een schaalmodel van de ss Rotterdam hier gezien. En al komt er geen trein, waar is vliegveld Zestienhoven? En het beeld van Erasmus? En wordt het ook geen tijd voor de Markthal?
Wil hiermee absoluut niet de indruk wekken dat ik teleurgesteld ben in wat hier allemaal te zien is. Miniatuur Rotterdam is groots!
Miniworld heeft de zaken perfect voor elkaar. Wie thuis een modelspoorbaan heeft gehad, zal niet snappen dat de treinenloop hier zo goed geregeld is. Er is een heus gecomputeriseerd bedieningscentrum. Van daaruit worden ook ‘dag en nacht’ geregeld.
De modelspoorbanen in al die verschillende afbeeldingen zijn leuk bij daglicht, maar het is ook mooi om delen van Rotterdam bij avond (inclusief avondrood) en nacht te zien. En goed aangegeven, zodat niemand in paniek hoeft te raken als het licht wordt getemperd.
Tijdslot Net als dierentuinen, musea en dergelijke werkt ook Miniworld met een tijdslot systeem. Hier heb je maximaal twee uur de tijd om rond te lopen. Twee uur? Ik heb halverwege het gevoel dat ik nog maar net binnen ben. De tijd vliegt…
De website vermeldt dat er niet zo nauw wordt gekeken hoe lang je binnen bent als het meevalt met de drukte. Vandaag heb ik in elk geval geen moment het gevoel gehad opgejaagd te worden. Waarschijnlijk wordt pas ‘opgetreden’ als bij de entree een lange rij wachtenden staat.
Dan nog, zal het allemaal prima verlopen, want de medewerkers die ik zie vandaag, zijn juist zeer voorkomend. Zelfs bij het verlaten van Miniworld klinkt het: Nog een prettige dag. Tot ziens! Kijk, dan voel je je zelfs bij vertrek nog zeer welkom.
Bekijk hieronder een filmpje van vandaag. Scroll er lekker doorheen, want de totale lengte is bijna een kwartier. Geeft wel aan hoe ik mij hier heb vermaakt.
Om goed vakantiegevoel te krijgen een lang weekeinde naar Friesland geweest. Geen Scotland dit jaar (door de coronainreisregels en de hoge besmettingsgraad daar heb ik mezelf geen groen licht gegeven), maar wel paar weken vrij.
Om te voorkomen dat ik zeker de eerste dagen steeds achter de pc zou kruipen, bewust gekozen voor een lang weekeinde weg. Pas lang na hotelboeking bedacht dat ik er nog een week bij zou nemen. Ervoor dus. Die dagen benut met andere uitstapjes. Nu dus Friesland met bezoek aan Joure, Stavoren, Makkum en standplaats Workum.
De weersvooruitzichten waren niet best, maar uiteindelijk is het met de regen best meegevallen. Zeker de zaterdag met buitenactiviteiten was prima.
Zoals in Stavoren. Had hier deze dag met vrienden moeten zijn om ‘ons’ Ljouwerter skûtsje aan te moedigen in de SKS race op het IJsselmeer. Maar ja, skûtsjesilen afgelast vanwege corona.
Toch maar even traditiegetrouw over de dijk gelopen. Altijd leuk om te doen, zeker als het flink waait. Het stadje is relatief rustig. Wel veel bootjes in de oude haven, maar het is niet de drukte die je hier met het skûtsjesilen hebt. Natuurlijk even langs het beeld van het Vrouwtje van Stavoren gelopen.
Kitesurfen
In de middag in standplaats Workum naar het strand geweest. Al eerder overnacht in deze Friese stad, maar nooit verder geweest dan de route hotel < – > centrum (terras, restaurant). Bonus, want op het strand van het IJsselmeer is het een drukte van belang. Kitesurfers die zich opmaken om het beste van de wind te hebben op het water. Kleurrijk schouwspel.
De surfers gaan met flinke snelheden over het water. Mij zul je zoiets niet zien doen (‘ik heb last van mijn knie, maar weet nog niet welke’), maar fantastisch om gade te slaan. Zelf kijken? Er is een streaming webcam, gericht op het strand. Wie weet zie je ze gaan…
Deze zaterdag was overigens de tweede dag van het verblijf in Friesland. Vrijdag bezoek aan Joure. Doel: Museum Joure. Eigenlijk is het een verzameling musea, waaronder dat van Douwe Egberts. Leuk om even in de geschiedenis van mijn werkkoffie te duiken.
Klokken
In andere gebouwen bevindt zich onder andere het museum dat gewijd is aan de Friese klokkenmakerijen. Stoeltjesklokken, staartklokken en noem maar op.
De een geeft alleen de tijd aan, een andere heeft ook bewegende taferelen, soms Bijbels van aard. Zoals Abraham die zijn zoon zal offeren (foto links) en het Salomonsoordeel.
De klokken geven verschillende tijden aan, zodat ze niet allemaal tegelijk het hele uur aan geven…
Minstens zo leuk is de drukkerij, met drukpersen uit lang vervlogen tijden. De geur van de inkt doet me terugdenken aan de eerste jaren bij Rijn en Gouwe, eind jaren zeventig/begin jaren tachtig. Na de avonddienst moest er soms nog een foto naar de drukkerij in Den Haag worden gebracht, of later in Rotterdam. Als je door die gebouwen liep, rook je de inkt van de drukpersen waarop de kranten werden gedrukt.
Het bijwonen van de kerkdienst in de Grote of Sint-Gertrudiskerk op zondag leek een domper te worden. De ouderling van dienst deed de mededelingen aan het begin van de kerkdienst in het Fries. Ik vreesde dat de gehele dienst in die taal zou worden gehouden. En op een enkel woordje na, spreek en versta ik die taal niet… Gelukkig was de dienst in het Nederlands, op één lied na.
Makkum
De rest van de zondag gebruik om de regio te doorkruisen. Makkum, Oudega, Ferwoude, Gaast, Gaastmeer, Idsegahuizum en nog wat dorpen waarvan ik het bestaan niet kende.
Zowel zaterdag als zondag afgesloten met heerlijke etensmalen in restaurant De Gulden Leeuw.
De Gulden Leeuw
Eerst borrelen op het terras (uiteraard Berenburg van de Weduwe Joustra), daarna aan een tafel bij het raam. Prima eten, lekkere wijn (een Spaanse grenache, aanrader) goede, attente bediening. Helemaal niets op aan te merken.
Als ik het dan toch over eten heb: overnachtingsplek Gast Inn biedt behalve goede kamers, ook een heerlijk ontbijtbuffet. Voor iemand die de lunch altijd overslaat (uitzonderingen daargelaten), is een goed ontbijt essentieel. Geen bacon and eggs, maar genoeg keus om met een volle maag op pad te gaan.
De laatste dag van dit lange weekeinde koers gezet naar Lelystad, voor een hernieuwde kennismaking met Aviodrome, het luchtvaartmuseum naast vliegveld Lelystad. Wel heel druk vandaag. Toch genoeg ruimte om te genieten van oude vliegtuigen en bijvoorbeeld de kopie van het oude luchthavengebouw van Schiphol.
Friesland en de Noordoostpolder zijn geen Scotland, maar hebben me toch voldoende vakantiegevoel gegeven.
Een knipoog naar de Griekse en Romeinse oudheid. Geen kopie proberen te maken van beelden uit het verleden, maar er een moderne twist aan geven. Ik was vandaag bijzonder onder de indruk van beelden van Igor Mitoraj in museum Beelden aan Zee in Scheveningen.
Ben hier vorig jaar bij toeval verzeild geraakt na het lezen van een artikel over dit bijzondere museum. In 1994 gesticht door het verzamelaarsechtpaar Theo Scholten en Lida Scholten-Miltenburg. Beelden aan Zee richt zich als enige museum in Nederland exclusief op moderne en hedendaagse, (inter)nationale beeldhouwkunst.
Naast de omvangrijke vaste collectie, zijn er wisselende tentoonstelling. Vandaag heb ik er drie bezocht: in de twee ruimten binnen en de plateaus op duinniveau.
De kunstenaar (geboren in het Saksische Oederan) bracht zijn werkzame leven grotendeels in Italië door waar hij lange tijd woonde in Pietrasanta, het bekende Toscaanse beeldhouwersdorp bij de eveneens marmergroeven van Carrara.
Klassieke oudheid Geïnspireerd door de schoonheid van de klassieke oudheid maar met een eigentijds inzicht in de menselijke conditie creëerde Mitoraj vele monumentale sculpturen in brons en marmer. Regelmatige bezoekers aan de Scheveningse boulevard kennen zonder het te weten mogelijk een van zijn werken: het grote masker bovenop het duin bij het museum. Binnen zijn meer werken in dezelfde sfeer te aanschouwen. Maar ook werken in marmer. Heel boeiend allemaal om naar te kijken. Hoe boeiend? Nou, zo op het oog is de zaal niet zo groot, maar als je alle beelden – het zijn er bijna 50 – tot je wilt nemen, ben je zo een uur verder. Genieten met een hoofdletter G. Ben zelden zo onder de indruk geweest van beeldbouwkunst.
Ik vertelde hierboven al dat de een aantal beelden groot is. Daar kwamen de samenstellers van de tentoonstelling zelf al achter bij de inrichting. Vanwege corona kon men niet naar het Mitoraj Atelier in Pietrasanta en moest met het doen met foto’s en omschrijvingen. Op basis daarvan werd een maquette gemaakt voor de inrichting. Die bleek dus in de praktijk niet te kloppen. In allerijl moest de bedachte inrichting worden aangepast.
Terracotta
En als je de schoonheid van al die kunstwerken tot je hebt laten inwerken, beland je in de volgende tentoonstelling in Beelden aan Zee. Of eigenlijk twee. De werken van Pietro Cascella (1921 – 1988) en Cordelia von den Steinen (1941 – ). De laatste is nog steeds actief als kunstenares en is zelf betrokken geweest bij de opbouw van deze expositie. Vooral van haar werken die zijn uitgevoerd in terracotta ben ik bijzonder onder de indruk.
Zoals het tableau (weet niet of het de juiste benaming is, maar ik noem het maar zo) Onderweg. Je ziet reizigers, de een met een staf, de ander met een rugzak, volgende figuren gearmd… De kunstenares laat zelf in het midden of de reizigers onderweg zijn naar een (metro)station, of juist aankomen en waarheen ze gaan. En de tafel Het Laatste Avondmaal. Abstract, maar ze legt – in een begeleidende film – uit dat het bord dat leeggegeten is van Jezus is, de omgevallen beker met wijn van Judas en verderop ligt de sleutels van Petrus. Heb haar werken twee keer bekeken vandaag. Eerst zonder te weten hoe en waarom, de tweede keer na het filmpje, zodat je weet wat je ziet, of moet zien.
Bij de werken van haar overleden echtgenoot Cascella gaat het vooral om voorstudies van zijn vele opdrachten. Niet te zien, althans ik heb het niet ontdekt, is het ‘maquette’ van zijn bijzondere werk voor Auschwitz (1967). Met die opdracht werd zijn naam gevestigd. Waar Cordelia vooral met terracotta bezig is, werkte Pietro (zoals zijn voornaam al doet vermoeden met de Italiaanse natuursteen travertijn of travertin. En verder met gips en een enkele keer met marmer.
De derde tentoonstelling – ja, je krijgt waar voor je geld – is die met werken van de Nederlandse kunstenaar Paul Grégoire (1915 – 1988). Veel werk met golvende lijn: arabesk, de stijl waarmee hij beroemd is geworden. Figuratieve abstracte kunst. Is niet altijd aan mij besteed, maar hier klopt het. Werk van hem in het groot is onder andere te zien in Eindhoven. Het bevrijdingsmonument hier uit 1954 is van zijn hand.
Arabesk
Toch kan zijn werk hier op de tentoonstelling in Beelden aan Zee mij minder bekoren dan de twee andere exposities. Het zal wel komen door de veelheid dat geboden wordt. Ik zal dus nog een keer terug moeten – de tentoonstellingen zijn nog te bezoeken tot in volgorde van de hierboven geschreven indrukken 8 februari volgend jaar en 19 september en 3 oktober dit jaar. Maar terugkeren naar Beelden aan Zee is zeker geen straf. Wat een fantastisch museum.
Bekijk hieronder een filmpje vol foto’s van de beelden die ik vandaag heb gezien.
De Nachtwacht van Rembrandt is wellicht het beroemdste schuttersstuk. Maar ook Gouda kent zo’n schilderij. En het Frans Halsmuseum. Daar vandaag geweest, vanwege een tentoonstelling met verschillende schuttersstukken.
Het doek met de Goudse schutters (zeg maar: vroege voorloper van de gemeentepolitie of misschien beter: de boa’s) is een van de pronkstukken van Museum Gouda. Geschilderd door Ferdinand Bol, de meesterleerling van Rembrandt.
Het werk dat de Goudse krijgsraad voorstelt, hing vroeger in het gebouw van de schutterij, de St. Jorisdoelen aan de Lange Tiendeweg, op steenworp afstand van mijn huis. En alweer decennia lang in het stadsmuseum.
Nachtwacht Vaak gekeken naar het geschilderde tafereel. En enkele jaren geleden Rembrandts eigen geschilderde schuttersstuk, de Nachtwacht in het Rijksmuseum gezien. Nu de tentoonstelling dus met de schuttersstukken in het Frans Halsmuseum in Haarlem, locatie Hof.
Prachtig om, dit soort groepsportretten van de voorlopers van de boa’s in hun statige kledij bij elkaar te zien. De zaal is ruim genoeg om de bezoekers voldoende afstand tot elkaar te laten houden. Een audiotour geeft achtergronden en wijst op details in de doeken.
Laat de kindekens tot mij komen, Frans Halsmuseum
Denk wel dik een half uur gekeken te hebben naar de schilderijen. Rondjes lopen door de zaal, zittend op een van de banken en steeds weer een nieuw detail te ontdekken.
Ook de rest van de schilderijen in deze locatie van het Frans Halsmuseum (zoals Laat de kindekens tot mij komen, foto links) kunnen me bekoren in de paar uur dat ik hier ben.
Dat kan ik niet zeggen van het museumdeel (Hal) naast de St. Bavo in de binnenstad. Moderne kunst, kleine ruimte. Had het daar met een klein half uur wel bekeken.
Hoe vaak ik ook kom, ik blijf me verwonderen over bekende en minder bekende plekken van ons land in miniatuur. Uiteraard even kijkje genomen bij hrt stadhuis van Gouda, dat gebouw dat in het echte leven in mijn ‘voortuin’ staat.
Ook de Van Brienenoordbrug, de Erasmusbrug (de ‘Zwaan’), Schiphol, Utrecht CS, de Maeslantkering bij Hoek van Holland, het gebied van ons parlement in Den Haag, de treinsporen en noem maar op. Ik kan er nog steeds van genieten.
Regen
Vanwege de weersvoorspelling een vroeg tijdslot geboekt. Wrong! Flinke regen bij aankomst kort voor 10.00 uur. Maar later werd het alsnog droog, met soms nog een enkel spettertje.
Niet tot sluitingstijd gebleven. Rond 13.00 uur werd het drukker en drukker en voor het genieten en het maken van foto’s en filmpjes is de lol er dan snel af voor mij.
En, heeft het geholpen om in de vakantiemodus te komen? Nou, gedeeltelijk. Bij thuiskomst toch nog even de onlineredactie getipt over het ‘slepen’ van een verhaal naar onze deelredactie op de website. OK, over een paar dagen doe ik dan niet meer. Hoop ik!
Zie onderstaand filmpje van mijn bezoek aan Madurodam vandaag. Als je goed kijkt, kom ik zelf nog in beeld. Niet echt een selfie, maar op weg naar Nieuw Amsterdam wel te zien.
Toevalstreffer. Had de bedoeling om na de kerk naar het Maritiem Museum in Rotterdam te gaan. Altijd leuk om te bezoeken, zowel het binnendeel (nu met de fraaie tentoonstelling Maritieme Meesterwerken, een samenwerking met Museum Boijmans Van Beuningen) als het buitendeel in de Leuvehaven.
Bij het boeken van een tijdslot zag ik op de site van het Maritiem Museum dat er op bepaalde dagen, waaronder de zondag, nu ook vaartochten zijn met historische schepen. Gelijk geboekt, want met het zeer fraaie weer, zou dat geen straf zijn.
En dat is uitgekomen. Ruim anderhalf uur varen van de Leuvehaven via de Nieuwe Waterweg naar de Waalhaven. Net niet naar Heijplaat, de Rotterdamse wijk waar mijn ouders en grootouders hebben gewoond.
Kleine groep mensen, verdeeld over voor- en achterdek van de stoomsleper Pieter Boele. Daterend uit 1893 en gebouw op de scheepswerf van de naamgever in Slikkerveer.
Ondanks de leeftijd ziet de sleepboot er nog in perfecte conditie uit. Dat kan ook niet anders, daar zorgen de 25 vrijwilligers van de Stichting Dordt in Stoom wel voor.
Dockyard Mijn vader zou ongetwijfeld even een kijkje hebben willen nemen in de machinekamer, zoals hij dat ook deed op de Dockyard V ergens in de jaren negentig van de vorige eeuw, toen die stoomsleepboot in Gouda lag (en je ook kon meevaren) tijdens de Goudse Havendagen.
Terug naar de Nieuwe Waterweg. Het was bijzonder goed toeven aan boord. Zon, een windje en meer dan genoeg om naar te kijken onderweg. Zowel (grote) schepen als bouwwerken aan de wal aan weerszijden.
ss Rotterdam Als bonus voer de Pieter Boele op de terugweg de Maashaven in, om goed zicht te hebben op de ss Rotterdam, het voormalige vlaggenschip van de Holland Amerika Lijn dat ligt afgemeerd aan het Tweede Katendrechtse Hoofd. Het schip, waaraan mijn opa nog heeft gewerkt op de RDM, de Rotterdamse Droogdok Maatschappij.
Kortom, een welbestede middag. Als meevaren met een historisch schip volgende maand nog steeds mogelijk is, ga ik nog een keertje mee!
Bekijk hieronder een filmpje van de vaartocht van vanmiddag. Daaronder een kleine serie met nog wat foto’s.
Botten, botten en nog een botten. Prehistorische nog wel. Vandaag voor het eerst bezoek gebracht aan Naturalis in Leiden. Indrukwekkend.
Officieel Naturalis Biodiversity Center, Nederlands Centrum voor Biodiversiteit Naturalis, dat in zijn oorsprong teruggaat tot 1820 . Het is een onderzoeksinstelling met een museum er aan vastgepakt. Dat laatste klinkt doet het gebouw geen eer aan. Prachtig complex, op loopafstand van het NS-station.
Bureau De Neutelings Riedijk Architecten (ook bekend van het Scheepvaart en Transport College in Rotterdam en Beeld en Geluid in Hilversum) ontwierp de nieuwbouw van het museum die in 2019 geopend werd.
Het ontwerp omvatte naast publiek toegankelijke tentoonstellingszalen en een bibliotheek, ook een expeditieruimte, laboratoria, kantoorruimten en een collectietoren met een hoogte van 62 meter.
Vanuit het atrium, direct bij binnenkomst, kijk je helemaal naar boven. Negen verdiepingen hoog als je het toprestaurant met balkon meetelt. flink trappen lopen, want vanwege de coronaregels zijn de liften alleen toegankelijk voor rolstoelgebruikers.
Trappen
De collectie van Naturalis is echter het op en neer op de trappen meer dan waard. Een prachtige collectie opgezette dieren. Bijna op aaiafstand. Goed te fotograferen. Je kijkt je ogen uit.
Het meest bijzondere zijn natuurlijk de skeletten van dinosaurussen. Alleen waar bij opgravingen delen zijn vergaan of nooit gevonden is sprake van een reconstructie. De rest is authentiek, al worden botten wel – zichtbaar – bij elkaar gehouden door stroken staal. Dat laatste vergeet je als je bijvoorbeeld oog in oog staat met de tyrannosaurus T-Rex of Trix die pas in 2013 werd gevonden in South Dakota (VS).
Naar ik heb begrepen is wat je als bezoeker te zien krijgt maar een deel van de collectie is. Er zijn bijna 42 miljoen (je leest het goed, het is geen tikfout) objecten.
Terug
Net als bij mijn eerste bezoek enkele jaren geleden aan het Rijksmuseum in Amsterdam, is er in Naturalis teveel te zien om in één keer te bevatten. Ik ga zeker een keer terug dit jaar om opnieuw te genieten van het gebouw en de collectie. Een topmuseum!
De Nachtwacht in volle glorie. Wie er op tv al iets van gezien heeft, of het verhaal heeft gelezen in het AD, weet waar ik het over heb. Voor de rest: de Nachtwacht van Rembrandt in het Rijksmuseum zoals velen het hebben gezien, is 300 jaar geleden verminkt.
In 1642 geschilderd voor de nieuwe feestzaal in de Kloveniersdoelen. Dit was een van de drie hoofdkwartieren van de Amsterdamse schutterij, de burgerwacht van de stad. Rembrandt was al bijna 50 jaar dood toen de Nachtwacht rond 1715 werd verplaatst naar het toenmalige stadhuis (mi Paleis op de Dam). Het was te groot voor een muur tussen twee deuren, dus werd het werk links en rechts ingekort. De repen zijn mogelijk in de vuilnisbak verdwenen, in elk geval nooit teruggevonden.
Kopie Dankzij een kopie van de Nachtwacht, tussen 1642 en 1655 geschilderd door Gerrit Lundens – in opdracht van waarschijnlijk Frans Banninck Cocq (op de Nachtwacht de man met de rode sjerp) – is wel bekend wat links en rechts op de missende stukken van de Nachtwacht gestaan heeft. Het gaat onder andere om twee schutters aan de linkerzijde. Voor de vergelijking: ook de kopie van Lundens hangt in het Rijksmuseum.
Door lang onderzoek en met behulp van moderne computertechnieken of kunstmatige intelligentie, is een reconstructie gemaakt van de ontbrekende stukken links en rechts van de Nachtwacht.
Op tv ziet de operatie er indrukwekkend uit en het verhaal in de krant is boeiend om te lezen, maar er gaat niets boven het echie. Dus vandaag naar 020 getogen om met eigen ogen de Nachtwacht in volle glorie te aanschouwen. Het is sowieso geen straf om door het museum te dwalen. Behalve de werken van de grote Nederlandse en Vlaamse schilders, is het gebouw zelf ook indrukwekkend.
Tekst gaat verder onder de afbeeldingen
Terug naar de Nachtwacht. De panelen links en rechts zijn gelukkig niet helemaal vervlochten met het eeuwen oude doek. Je ziet de scheidslijn tussen het oorspronkelijke werk en de toevoegingen. Dat maakt het zo mogelijk nog indrukwekkender.
Glazen kooi Geboeid er wel een half uur naar staan kijken. Af en toen even opzij, zodat ook andere bezoekers zo dicht mogelijk bij het schilder kunnen komen. Niet te dichtbij, want sinds de start van de voorbereidingen van de grote restauratie bevindt de Nachtwacht zich in een grote glazen kooi. Vandaar ook weerspiegelingen op de foto boven in dit verhaal.
Ga in mijn vakantie nog een keer terug. Wie het ook wil zien: de Nachtwacht in volle glorie is maar een paar maanden te zien.
Op ooghoogte – letterlijk – vandaag details bekeken van een van de gebrandschilderde ramen (glas-in-lood) in de St.-Jan, het monumentale kerkgebouw in mijn ‘achtertuin’ in Gouda.
Een eenmalige actie van de kerk (nog als zodanig in gebruik, maar ook museum) ter gelegenheid van de heropening van de Nederlandse (binnen)musea. Na een sluitingsperiode van bijna een half jaar én diverse beperkende maatregelen kan het publiek weer genieten van cultuur. De Museumvereniging en het Nationaal Theater Fonds organiseren de cultuurbrede campagne: Mooier dan ooit. Deze ludieke actie is hier onderdeel van.
Met een gesponsorde hoogwerker, kan het publiek mee omhoog, tot bijna de bovenzijde van het raam. En dat is hoog. Het gebrandschilderde raam begint op enkele meters hoogte en is zelf ruim elf meter hoog.
OK, je kunt afbeeldingen opzoeken op internet en waarschijnlijk heft de kerk er ook ansichtkaarten van, maar nu met eigen ogen aanschouwen wat de ontwerper (de Leidse burgemeester Isaac Claesz. van Swanenburg) en de makers, de Delftse glazeniers/glasschilders Dirck Jansz. Verheyden en na diens overlijden in 1603 zijn leerling Dirck Reiniersz. van Douwe) vierhonderd jaar geleden hebben bedacht en uitgevoerd is vele malen indrukwekkender.
Je ziet een Hollandse lucht met daaronder een wel erg waterrijk landschap. Twee steden spelen hier de hoofdrol. Bovenaan in de verte is de stad Leiden te zien, linksonder met de torens en de molen de stad Delft. Het geheel oogt als met een drone gemaakt.
Geuzen Anders dan de naam wellicht doet vermoeden, is het glas of raam geschonken door de stad Delft. Het stadsbestuur koos het spectaculaire Leidens ontzet als onderwerp, omdat deze succesvolle militaire operatie van de geuzen onder leiding van prins Willem van Oranje vanuit Delft over het water werd uitgevoerd. Tegen de zin van het grootste deel van de bevolking had de Prins verordonneerd het hele gebied tussen Leiden, Delft en Gouda onderwater te zetten.
In de jaren voor 1601 besloot Leiden aan Gouda een glas te schenken met de parallel uit de Bijbel van ‘Het Ontzet van Samaria’ (Glas 26). Later koos Delft voor ‘Het ontzet van Leiden’.
Het bijzondere van al deze ramen is dat alle ontwerptekeningen of cartons (schaal 1:1) bewaard zijn gebleven. Ze liggen onder goede condities opgerold in een kluis van de kerk. Bij toerbeurt worden delen tentoongesteld in het naast de kerk gevestigde Museum Gouda.
Bekijk hieronder een kort filmpje, gemaakt vanaf de hoogwerker, met details van het gebrandschilderde raam Ontzet van Leiden.