Hoe vaak ik ook kom, ik blijf me verwonderen over bekende en minder bekende plekken van ons land in miniatuur. Uiteraard even kijkje genomen bij hrt stadhuis van Gouda, dat gebouw dat in het echte leven in mijn ‘voortuin’ staat.
Ook de Van Brienenoordbrug, de Erasmusbrug (de ‘Zwaan’), Schiphol, Utrecht CS, de Maeslantkering bij Hoek van Holland, het gebied van ons parlement in Den Haag, de treinsporen en noem maar op. Ik kan er nog steeds van genieten.
Regen
Vanwege de weersvoorspelling een vroeg tijdslot geboekt. Wrong! Flinke regen bij aankomst kort voor 10.00 uur. Maar later werd het alsnog droog, met soms nog een enkel spettertje.
Niet tot sluitingstijd gebleven. Rond 13.00 uur werd het drukker en drukker en voor het genieten en het maken van foto’s en filmpjes is de lol er dan snel af voor mij.
En, heeft het geholpen om in de vakantiemodus te komen? Nou, gedeeltelijk. Bij thuiskomst toch nog even de onlineredactie getipt over het ‘slepen’ van een verhaal naar onze deelredactie op de website. OK, over een paar dagen doe ik dan niet meer. Hoop ik!
Zie onderstaand filmpje van mijn bezoek aan Madurodam vandaag. Als je goed kijkt, kom ik zelf nog in beeld. Niet echt een selfie, maar op weg naar Nieuw Amsterdam wel te zien.
Toevalstreffer. Had de bedoeling om na de kerk naar het Maritiem Museum in Rotterdam te gaan. Altijd leuk om te bezoeken, zowel het binnendeel (nu met de fraaie tentoonstelling Maritieme Meesterwerken, een samenwerking met Museum Boijmans Van Beuningen) als het buitendeel in de Leuvehaven.
Bij het boeken van een tijdslot zag ik op de site van het Maritiem Museum dat er op bepaalde dagen, waaronder de zondag, nu ook vaartochten zijn met historische schepen. Gelijk geboekt, want met het zeer fraaie weer, zou dat geen straf zijn.
En dat is uitgekomen. Ruim anderhalf uur varen van de Leuvehaven via de Nieuwe Waterweg naar de Waalhaven. Net niet naar Heijplaat, de Rotterdamse wijk waar mijn ouders en grootouders hebben gewoond.
Kleine groep mensen, verdeeld over voor- en achterdek van de stoomsleper Pieter Boele. Daterend uit 1893 en gebouw op de scheepswerf van de naamgever in Slikkerveer.
Ondanks de leeftijd ziet de sleepboot er nog in perfecte conditie uit. Dat kan ook niet anders, daar zorgen de 25 vrijwilligers van de Stichting Dordt in Stoom wel voor.
Dockyard Mijn vader zou ongetwijfeld even een kijkje hebben willen nemen in de machinekamer, zoals hij dat ook deed op de Dockyard V ergens in de jaren negentig van de vorige eeuw, toen die stoomsleepboot in Gouda lag (en je ook kon meevaren) tijdens de Goudse Havendagen.
Terug naar de Nieuwe Waterweg. Het was bijzonder goed toeven aan boord. Zon, een windje en meer dan genoeg om naar te kijken onderweg. Zowel (grote) schepen als bouwwerken aan de wal aan weerszijden.
ss Rotterdam Als bonus voer de Pieter Boele op de terugweg de Maashaven in, om goed zicht te hebben op de ss Rotterdam, het voormalige vlaggenschip van de Holland Amerika Lijn dat ligt afgemeerd aan het Tweede Katendrechtse Hoofd. Het schip, waaraan mijn opa nog heeft gewerkt op de RDM, de Rotterdamse Droogdok Maatschappij.
Kortom, een welbestede middag. Als meevaren met een historisch schip volgende maand nog steeds mogelijk is, ga ik nog een keertje mee!
Bekijk hieronder een filmpje van de vaartocht van vanmiddag. Daaronder een kleine serie met nog wat foto’s.
Botten, botten en nog een botten. Prehistorische nog wel. Vandaag voor het eerst bezoek gebracht aan Naturalis in Leiden. Indrukwekkend.
Officieel Naturalis Biodiversity Center, Nederlands Centrum voor Biodiversiteit Naturalis, dat in zijn oorsprong teruggaat tot 1820 . Het is een onderzoeksinstelling met een museum er aan vastgepakt. Dat laatste klinkt doet het gebouw geen eer aan. Prachtig complex, op loopafstand van het NS-station.
Bureau De Neutelings Riedijk Architecten (ook bekend van het Scheepvaart en Transport College in Rotterdam en Beeld en Geluid in Hilversum) ontwierp de nieuwbouw van het museum die in 2019 geopend werd.
Het ontwerp omvatte naast publiek toegankelijke tentoonstellingszalen en een bibliotheek, ook een expeditieruimte, laboratoria, kantoorruimten en een collectietoren met een hoogte van 62 meter.
Vanuit het atrium, direct bij binnenkomst, kijk je helemaal naar boven. Negen verdiepingen hoog als je het toprestaurant met balkon meetelt. flink trappen lopen, want vanwege de coronaregels zijn de liften alleen toegankelijk voor rolstoelgebruikers.
Trappen
De collectie van Naturalis is echter het op en neer op de trappen meer dan waard. Een prachtige collectie opgezette dieren. Bijna op aaiafstand. Goed te fotograferen. Je kijkt je ogen uit.
Het meest bijzondere zijn natuurlijk de skeletten van dinosaurussen. Alleen waar bij opgravingen delen zijn vergaan of nooit gevonden is sprake van een reconstructie. De rest is authentiek, al worden botten wel – zichtbaar – bij elkaar gehouden door stroken staal. Dat laatste vergeet je als je bijvoorbeeld oog in oog staat met de tyrannosaurus T-Rex of Trix die pas in 2013 werd gevonden in South Dakota (VS).
Naar ik heb begrepen is wat je als bezoeker te zien krijgt maar een deel van de collectie is. Er zijn bijna 42 miljoen (je leest het goed, het is geen tikfout) objecten.
Terug
Net als bij mijn eerste bezoek enkele jaren geleden aan het Rijksmuseum in Amsterdam, is er in Naturalis teveel te zien om in één keer te bevatten. Ik ga zeker een keer terug dit jaar om opnieuw te genieten van het gebouw en de collectie. Een topmuseum!
De Nachtwacht in volle glorie. Wie er op tv al iets van gezien heeft, of het verhaal heeft gelezen in het AD, weet waar ik het over heb. Voor de rest: de Nachtwacht van Rembrandt in het Rijksmuseum zoals velen het hebben gezien, is 300 jaar geleden verminkt.
In 1642 geschilderd voor de nieuwe feestzaal in de Kloveniersdoelen. Dit was een van de drie hoofdkwartieren van de Amsterdamse schutterij, de burgerwacht van de stad. Rembrandt was al bijna 50 jaar dood toen de Nachtwacht rond 1715 werd verplaatst naar het toenmalige stadhuis (mi Paleis op de Dam). Het was te groot voor een muur tussen twee deuren, dus werd het werk links en rechts ingekort. De repen zijn mogelijk in de vuilnisbak verdwenen, in elk geval nooit teruggevonden.
Kopie Dankzij een kopie van de Nachtwacht, tussen 1642 en 1655 geschilderd door Gerrit Lundens – in opdracht van waarschijnlijk Frans Banninck Cocq (op de Nachtwacht de man met de rode sjerp) – is wel bekend wat links en rechts op de missende stukken van de Nachtwacht gestaan heeft. Het gaat onder andere om twee schutters aan de linkerzijde. Voor de vergelijking: ook de kopie van Lundens hangt in het Rijksmuseum.
Door lang onderzoek en met behulp van moderne computertechnieken of kunstmatige intelligentie, is een reconstructie gemaakt van de ontbrekende stukken links en rechts van de Nachtwacht.
Op tv ziet de operatie er indrukwekkend uit en het verhaal in de krant is boeiend om te lezen, maar er gaat niets boven het echie. Dus vandaag naar 020 getogen om met eigen ogen de Nachtwacht in volle glorie te aanschouwen. Het is sowieso geen straf om door het museum te dwalen. Behalve de werken van de grote Nederlandse en Vlaamse schilders, is het gebouw zelf ook indrukwekkend.
Tekst gaat verder onder de afbeeldingen
Terug naar de Nachtwacht. De panelen links en rechts zijn gelukkig niet helemaal vervlochten met het eeuwen oude doek. Je ziet de scheidslijn tussen het oorspronkelijke werk en de toevoegingen. Dat maakt het zo mogelijk nog indrukwekkender.
Glazen kooi Geboeid er wel een half uur naar staan kijken. Af en toen even opzij, zodat ook andere bezoekers zo dicht mogelijk bij het schilder kunnen komen. Niet te dichtbij, want sinds de start van de voorbereidingen van de grote restauratie bevindt de Nachtwacht zich in een grote glazen kooi. Vandaar ook weerspiegelingen op de foto boven in dit verhaal.
Ga in mijn vakantie nog een keer terug. Wie het ook wil zien: de Nachtwacht in volle glorie is maar een paar maanden te zien.
Op ooghoogte – letterlijk – vandaag details bekeken van een van de gebrandschilderde ramen (glas-in-lood) in de St.-Jan, het monumentale kerkgebouw in mijn ‘achtertuin’ in Gouda.
Een eenmalige actie van de kerk (nog als zodanig in gebruik, maar ook museum) ter gelegenheid van de heropening van de Nederlandse (binnen)musea. Na een sluitingsperiode van bijna een half jaar én diverse beperkende maatregelen kan het publiek weer genieten van cultuur. De Museumvereniging en het Nationaal Theater Fonds organiseren de cultuurbrede campagne: Mooier dan ooit. Deze ludieke actie is hier onderdeel van.
Met een gesponsorde hoogwerker, kan het publiek mee omhoog, tot bijna de bovenzijde van het raam. En dat is hoog. Het gebrandschilderde raam begint op enkele meters hoogte en is zelf ruim elf meter hoog.
OK, je kunt afbeeldingen opzoeken op internet en waarschijnlijk heft de kerk er ook ansichtkaarten van, maar nu met eigen ogen aanschouwen wat de ontwerper (de Leidse burgemeester Isaac Claesz. van Swanenburg) en de makers, de Delftse glazeniers/glasschilders Dirck Jansz. Verheyden en na diens overlijden in 1603 zijn leerling Dirck Reiniersz. van Douwe) vierhonderd jaar geleden hebben bedacht en uitgevoerd is vele malen indrukwekkender.
Je ziet een Hollandse lucht met daaronder een wel erg waterrijk landschap. Twee steden spelen hier de hoofdrol. Bovenaan in de verte is de stad Leiden te zien, linksonder met de torens en de molen de stad Delft. Het geheel oogt als met een drone gemaakt.
Geuzen Anders dan de naam wellicht doet vermoeden, is het glas of raam geschonken door de stad Delft. Het stadsbestuur koos het spectaculaire Leidens ontzet als onderwerp, omdat deze succesvolle militaire operatie van de geuzen onder leiding van prins Willem van Oranje vanuit Delft over het water werd uitgevoerd. Tegen de zin van het grootste deel van de bevolking had de Prins verordonneerd het hele gebied tussen Leiden, Delft en Gouda onderwater te zetten.
In de jaren voor 1601 besloot Leiden aan Gouda een glas te schenken met de parallel uit de Bijbel van ‘Het Ontzet van Samaria’ (Glas 26). Later koos Delft voor ‘Het ontzet van Leiden’.
Het bijzondere van al deze ramen is dat alle ontwerptekeningen of cartons (schaal 1:1) bewaard zijn gebleven. Ze liggen onder goede condities opgerold in een kluis van de kerk. Bij toerbeurt worden delen tentoongesteld in het naast de kerk gevestigde Museum Gouda.
Bekijk hieronder een kort filmpje, gemaakt vanaf de hoogwerker, met details van het gebrandschilderde raam Ontzet van Leiden.
Dag 2 van mijn eigen Museumweekeinde doorgebracht in het Openluchtmuseum in Arnhem. Schitterend weer, een groot verschil met zaterdag.
De verplichting een tijdslot te nemen pakt weer goed uit. Niet te druk (jammer voor het museum, maar fijn voor de bezoeker), dus ruimte genoeg om rustig rond te kijken. En foto’s te maken zonder lang te wachten tot mensen uit beeld zijn verdwenen.
Trams Bijzonder genoten van het rondrijden van meer verschillende trams door het park dan ooit. Het museum viert dit jaar dat er 25 jaar lang hier trams rondrijden. Naast die van de RET kan nu dus ook een ritje worden gemaakt met Haagse trams.
De oude gebouwen, molens, bruggen en ambachten blijven elk bezoek weer boeiend. En met het zeer zachte, zonnige weer is het geen straf her en der even op een bankje neer te strijken.
Het was niet mijn eerste bezoek aan het Openluchtmuseum en zeker ook niet het laatste.
Hieronder een fimpje van de tramritten vandaag. En daaronder nog een fotoblok
Voor het eerst in vier jaar tijd vandaag bezoek gebracht aan het Zuiderzeemuseum in Enkhuizen.
Uiteraard leuk omdat dit soort uitjes weer mogelijk zijn dankzij de coronaversoepelingen. Deed het ook vanwege het voorspelde mooie weer. En ik ken mezelf, voor ik het weet zit ik toch groot deel van de dag binnen achter de pc.
Nou, dat van dat zonnige weer is niet uitgekomen. Het was vooral bewolkt. Het mocht de pret niet drukken. Fantastische kennismaking met schepen en gebouwen in dit museum.
Net als voor andere musea en bijvoorbeeld dierentuinen geldt dat je een tijdslot moet boeken waarop je naar binnen mag. Coronabeperkingen voor de Zuiderzee…
Hoepel Nou, volgens mij waren vandaag voor het Zuiderzeemuseum lang niet alle tijdsloten uitverkocht. Het was lekker rustig. Het kostte geen enkele moeite ergens 1,5 meter afstand te bewaren. Alleen bij de pleinen waar kinderen spelletjes kunnen doen was het wat drukker, maar touwtje springen en de hoepel zijn toch niet aan mij besteed…
Voor het museum is de rust jammer natuurlijk, maar de situatie bood mij de gelegenheid in alle rust te kuieren langs de gebouwen en in de huisjes van rond de voormalige Zuiderzee een kijkje te nemen. Een heerlijke authentieke sfeer. Genieten van het verleden, wat bewaard is gebleven bij de overgang van Zuiderzee naar Waddenzee. Niet alleen gebouwen, maar ook ambachten als netten boeten, het tanen van netten en zeilen. En die kinderspelen dus.
Binnenmuseum De corona versoepelingen geven het Zuiderzeemuseum nog niet alle vrijheid. Het binnenmuseum blijft nog gesloten. Ach, dan heb ik later reden om nog eens naar dit museum te gaan. Tot die tijd doe ik het met een virtuele rondleiding daar.
Om de horeca te steunen heb ik het bezoek afgesloten met een glaasje wit op een van de terrassen in het museum.
Hieronder een filmpje van mijn bezoek aan het Zuiderzeemuseum
Bezoek aan Gorinchem vanochtend, bijna aan het einde van mijn twee wekende durende vakantie. Toeval. Nog nooit geweest. Rit per trein. Heen via Dordrecht, terug via Den Bosch over de MerwedeLingelijn.
Aardig – in elk geval droog – weer voor een korte stadswandeling door het historische centrum van deze vestingstad en langs de oevers van de Boven Merwede en de Linge.
Coronaproof. Net als in februari in Heusden, geen drukte. Geen haast, dus volop tijd om te genieten van historische en goed gerenoveerde of gerestaureerde gebouwen, gevels en gevelstenen, beelden, de sluis bij de Lingehaven en me vergaapt aan de scheve St. Janstoren van de Grote Kerk.
Waar ik ook loop in het oude deel van Gorinchem ik kijk steeds omhoog. Geleerd van een vroegere wethouder monumentenzorg in Gouda. Vaak is de begane grond verrommeld, maar de verdiepingen en vooral de daken tonen veelal nog (iets van) de oorspronkelijke bouwstijl. Vind wel dat de verrommeling van de puien hier meevalt.
Beelden
Met weinig wind en zwaar een zonnetje is het heerlijk lopen langs de Boven Merwede. Weinig scheepvaartverkeer vanochtend, maar dat maakt de wandeling er niet minder om. En ook in het straatbeeld valt voldoende te zien, zoals de beelden in het Wilhelminapark bij de Buiten de Waterpoort.
Nadeel van een bezoek in coronatijd is wel dat je nergens in kunt. Zo kun je de toren beklimmen voor een prachtig uitzicht over ‘stad en ommeland’, maar nu dus niet. De kerk zelf is ook dicht, net als het Gorcums Museum. En ik heb nog niet alle hoekpunten van de vestingwerken gezien. Aan de andere kent: ik heb redenen genoeg om nog eens terug te keren naar deze stad.
Hieronder nog een kort filmpje van de Boven Merwede vandaag
Met broer F. vandaag een bezoek gebracht aan de vestingstad Heusden in Noord-Brabant.
Nog nooit geweest. Wist amper van het bestaan. De naam misschien wel eens gehoord, maar dat het een vestingstad is, wist ik al helemaal niet. Kwam op het idee door de NTR-serie De strijd om het Binnenhof. In de aflevering over Rutger Jan Schimmelpenninck komt Heusden in beeld. (Weet niet hoelang de uitzending is te zien op NPO Start) Met (lucht)opnamen van de vestingwerken en de historische binnenstad wordt verhaald hoe de stad in 1787 de burgemeester afzet, de kant kiest van de Patriotten, het begin van een revolutie.
Nou, voor even dan. De dwarsgezeten Prins van Oranje riep de hulp in van het Pruisische leger dat in Nederland waar de Patriottische opstand gaande was, flink heeft huisgehouden. In onder andere Heusden was sprake van heuse plunderingen.
De beelden van de stad deden mij de plaatsnaam noteren voor een dagbezoek. Vandaag dus. De auto geparkeerd op de Tramhaven en van daaruit met de klok mee de omwalling rondgelopen. Beetje modderig, want de smeltende sneeuw van vorige week heeft haar sporen nagelaten.
Niet alles is origineel. Een oude uit België afkomstige standerdmolen is pas in 1971 hier gebouwd, net als later (zie foto boven dit verhaal) twee identieke, nieuwe exemplaren. Gemalen wordt er niet, Op gezette tijden draaien ze ‘voor de prins’. En het vroegere ziekenhuis is nergens te bekennen. Alleen de naam Gasthuisstraat herinnert er nog aan. Hetzelfde geldt voor de Synagogestraat. Geen synagoge te bekennen.
Met plezier loop je over de steile, voetgangersbrug over de haventoegangen. Je raakt de kanonnen aan die op de verschillende bolwerken staan. En de opgemetselde contouren van een oude stadsmuur met stadspoort is ook het bekijken waard.
En geniet ook van de moderne kunst, zoals de Zandloper, op het Zuiderbolwerk en de Gevelkijker (foto rechts), in de Pelestraat, ter herinnering aan de decennia lange restauratie van gevels in de stad..
Heusden is klein, maar wil laten zien dat het groot is in gevoel voor zijn geschiedenis. Gevels zien er overweldigend uit. En waar een kleinere Catharijnekerk (niet te verwarren met die eerder genoemde op een andere plek in de stad) staat, valt in stenen in de grond de omvang van een vroegere kerk te zien.
Historisch niet verantwoord, maar toch wel leuk om te bezoeken en te fotograferen is de reconstructie uit 1987 van het uit de twaalfde eeuw stammende kasteel van Heusden (foto hieronder). Kennelijk een geliefde plek voor de Heusdenaren in combinatie met de speeltuin die er bij ligt.
De omwalling van Heusden is ook het aanzien waard. Je krijgt een goed beeld van stad en ommeland en de Bergsche Maas. Je kijkt de historie in. Door de relatief beperkte omvang van Heusden is niets ver weg.
Nadeel van het bezoek aan Heusden vandaag is dat vanwege de coronamaatregelen alle horeca dicht is. Een kopje koffie of een frisje op een terras in de historische binnenstad zit er dus niet in. Reden dus om na het coronatijdperk Heusden nogmaals te bezoeken.
Hieronder een filmische impressie van het bezoek aan Heusden.
Zeer zonnige dag voorspeld, dus hup met de trein voor stadsbezoek. Dit keer aan Deventer. De stad van de Deventer koek, maar nog zoveel meer.
Ben er in januari 2017 al eens geweest. Destijds de bekendste gebouwen bekeken en met veerpont naar de overzijde van de IJssel om de Bolswerkmolen op de kiek te zetten. Dat nu weer gedaan (zie foto linkshierboven) , alleen niet met de pont over, maar te voet via de Wilhelminabrug.
Vanaf deze kant van de rivier heb je – zeker op een zonnige dag als vandaag – schitterend uitzicht op Deventer, met de toren van de Lebuinuskerk als niet te missen kenmerk van de stad. Zie de foto hierboven.
Voor de terugtocht met de pont naar het centrum van Deventer even vertoefd in het Worpplantsoen en de uit 2012 daterende muziekkoepel (goede kopie van de 1955 gesloopte octogonale versie) van Nering-Bögel. De koepel zelf is niet bijzonder, maar aan de binnenzijde is tegen het plafond de geschiedenis van de ijzergieterij en machinefabriek van die naam.
Aan de stadzijde rondwandeling gemaakt in de driehoek tussen de IJssel en de Wilhelminabrug. En al wandelend was ik ineens bij de Muntentoren. Een oud stukje Deventer dat verstopt lijkt alsof de stad niet trots is op dit bouwwerk. Minstens zo onopvallend en verscholen is de oude waterpomp tegen een muur.
En even rondgekeken in de fraaie Bergwegkerk. Niet meer in gebruik als godshuis, maar ‘podium’ voor concerten en dergelijke. Bijzonder fraai om hier rond te lopen als het zonlicht door de ramen langs de pilaren schijnt.
Verder genoten van fraaie versieringen aan gebouwen, zoals de een verwijzing naar de ‘koperen ketel’, waarin in vroeger tijden valsemunters levend in de komende olie werden gekookt. De ketel zelf hangt nu in het museum de Waag, vanwege de kwetsbaarheid.
Een gevelsteen gewijd aan Sint Nicolaas, het snijraam Davo verdedigt zijn burcht en nog veel meer. Er moeten nog zoveel meer gevelstenen en snijramen te vinden zijn in Deventer, dat er alle aanleiding is nog eens terug te keren.
Bekijk hieronder een filmpje van het bezoek aan Deventer.