Heerlijke avond Schotse folk

5 sterrenMe vanavond heerlijk ondergedompeld in de folkmuziek van de Nederlandse formatie Scrum. Al paar keer eerder naar concert van deze band geweest. Opnieuw niet teleurgesteld.

In een uitverkochte kleine zaal van de Goudse Schouwburg klonken vele voor mij totaal onbekende nummers, maar ook bekend werd van de vermaarde Ierse folkband The Dubliners. Maar ook zeer bekende nummers als Amazing Grace,Caledonia (Oh, but let me tell you that I love you That I think about you all the time Caledonia you’re calling me And now I’m going home If I should become a stranger You know that it would make me more than sad Caledonia’s been everything I’ve ever had).

scrum kleinHet mooiste nummer van de avond vond ik de Loch Lomond song (You’ll take the high road and I’ll take the low road, And I’ll be in Scotland afore you. Where me and my true love will never meet again, On the bonnie, bonnie banks of Loch Lomond). NIet alleen  omdat ik Loch Lomond natuurlijk ken van mijn reizen door Scotland, of omdat ik het al heel vaak in heel verschillende uitvoeringen heb gehoord (zoals door de SChotse band Runrig, live-opname van concert aan de oever van Loch Lomond). Nee, vanavond ontroerd door de a capella versie door de zes mannen en zangeres Miriam Meijer. In de zaal is het doodstil. Geen kuchje, niks. Iedereen is kennelijk – net als ik – diep onder de indruk van deze uitvoering.

OK, toch nog iets te zeuren door de kniesoor. De tekstfout in het decor is niet hersteld. De setting van het optreden is een kroeg en op de achterwand hangt een geschilderd bord met daarop de whisky’s en bieren die er te krijgen zijn. Tobermoray moet natuurlijk Tobermory zijn. Is al eens gemeld bij Scrum, maar er is niets mee gedaan.

En nog iets. Dat ‘hallo Gouda, laat je horen …’ en varianten hier op is misschien één keer leuk, maar na een paar keer begint zoiets behoorlijk te irriteren. Afschaffen, of in elk geval minder vaak doen. Hallo Scrum, kunnen jullie me horen…

Hieronder een van die fantastische instrumentale nummers van vanavond

 

Vikingen

Laatste trip voor dit proefpensioen heeft me vandaag naar Leeuwarden gebracht. Nee, nu niet om het Ljouwerter skûtsje op te zoeken, maar voor een bezoek aan het Fries Museum voor de tentoonstelling Wij Vikingen.

Vikingen zijn me als Scotlandbezoeker niet vreemd. Zeker Orkney en Shetland ademen de sfeer van de vroegere veroveraars. Maar wat hun betekenis voor ons land en dan vooral de noordelijke provincies is geweest van de achtste tot de elfde eeuw, was me tot nu toe onbekend.

Waar de Vikingen me vooral als moordenaars en plunderaars zijn bijgebleven uit de verhalen en de films, leert de tentoonstelling me ook een andere kant zien. Zeker ze hebben huisgehouden in Friesland (of Frisia de oude naam van die provincie), maar de Vikingen die niet alleen het noorden van Europa bezochten, maar ook Constantinopel en zelfs Bagdad, zijn ook van invloed geweest op de handelsgeest van de Friezen. De wijnvat kleinVikingen brachten uit het noorden barnsteen en glaskralen en uit het zuiden zijde en zilver, alsmede aardewerk en wapens. Niet alles was handelswaar, het ging voor een groot deel ook om geroofde goederen.

De Friezen nemen die handelsgeest over. Ze halen wijn uit Duitsland en verkopen dat weer in het noorden. Enkele van de grote, houten vaten zijn te zien op de tentoonstelling.
Munten om te betalen werden niet gebruikt. Ze bestonden wel, maar werden al dan niet in stukken gehakt om als betaalmiddel (‘hakzilver’) dienst te doen. Een deel van het hakzilver (gevonden in Wieringen) is tentoongesteld.
Het roven namen de Friezen ook over. Niet zelden sloten ze zich aan bij de Vikingen.

Wij Vikingen schetst ook een geheel ander beeld dat dat uit films als Wickie de Viking naar voren komt. Zo droegen ze helemaal geen gehoornde helmen. Ze vochten schouder aan schouder, voeren op smalle schepen, dus die hoorns zouden maar in de weg zitten. Sterker nog, de tentoonstelling leert dat veel Vikingen helemaal geen helm droegen. Het waren vaak arme boeren en konden zich zoiets niet veroorloven. Vermoedelijk hebben romantici in de kunststroming van de achttiende eeuw naar het beeld van de Germanen gekeken en dat over de Vikingen geplakt.

En nog iets. Het beeld van rauwe Vikingen met lange baarden en een onverzorgd uiterlijk blijkt ookoorlepel strijkijzer klein helemaal niet te kloppen. Ze waren zelfs zeer bezig met hun uiterlijk. Er zijn metalen oorlepeltjes gevonden, de voorlopers van de wattenstaafjes. En kammen. En ze trimden hun baarden laten opgegraven attributen zien. Er is zelfs een voorloper van een strijkijzer te zien. Ze wilden kennelijk netjes voor de dag komen na een dag van roven en plunderen. Een echte eyeopener dus.

Niet alleen het roven en de economie uit de Vikingtijd komen aan bod op de tentoonstelling. Ook de wet kleinkerstening die later volgde. Zo zijn er enkele houten doopvonten te zien.
Uit die tijd dateren ook de eerste (?) wetteksten waar de Friezen mee te maken kregen. Zo is er een wet die zegt dat een Friese Viking wordt uitgestoten. Als hij geplunderd, verkracht en gemoord heeft, wordt hij berecht. Er volgt alleen geen straf als hij er door de Vikingen toe gedwongen werd. Dan volgt geen boete of vredegeld en hij hoeft zelfs geen schadevergoeding te betalen.

schip kleinWat heel bijzonder is op de tentoonstelling, is de replica van een origineel vikingschip. Tien leerlingen van de opleiding Bouw en Infra en Maritieme Techniek van ROC Friese Poort hebben die in tien maanden gebouwd. Als basis gebruikten ze de afmetingen van het vikingschip Skuldelev V dat zich in het vikingmuseum in het Roskilde bevindt. Het schip, of wat er van over was, werd in 1959  gevonden door duikers in een fjord in de buurt van deze Deense stad.

Om het vijftien meter lange schip in het museum te krijgen is het in drie delen ‘geknipt’ en in het museum als een puzzel in elkaar gezet. Niet alleen mooi om naar te kijken, je mag ook aan boord.

De tentoonstelling is maar één doel voor de reconstructie. Als de expositie half maart is afgelopen, wordt het schip gereed gemaakt om door Friesland te varen. Na meer dan duizend jaar vaart er straks dus weer een vikingschip door Friesland. Het zou me niks verbazen als dat ook gebeurt tijdens het SKS skûtsjesilen.

 

 

Muziek voor het weekeinde

Weer klassiek en weer Bach. Johan Sebastian Bach blijft toch een van mijn favo componisten. En de Bachvioolconcerten komen bij mij op nummer 3, na zijn orgelconcerten (en daarbinnen volgens mij zijn mooiste werk: Toccata en Fuga d moll BWV 565) en de Matthäus Passion. De opname van de vioolconcerten hieronder met Camerata en Emmy Verhey op de viool is van grote schoonheid.

Helaas valt er bij zo’n lange opname op YouTube niet te ontkomen aan reclame tussendoor. Dat moet je maar voor lief nemen. Een gegeven paard…

Prettig weekeinde!

 

Van Cyprus tot de Vikingen in een paar weken

Met al zes museumbezoeken in de afgelopen vier weken en nog een (vrijdag) te gaan, ben ik al goed op stoom om mijn Museumjaarkaart flink terug te verdienen. Hoewel, hoe vaak zou ik een museum bezoeken zonder die kaart? Juist!
Hoe kan ik deze vier weken, die ik als proefpensioen beschouw, doorkomen. Kan ik echt vier weken zonder mijn werk doorbengen ook als ik niet de heuvels in Scotland in trek? Welnu, met gemak leert deze ervaring. Van alles gedaan. Ook wel een of een paar dagen (soms aaneengesloten) thuis gebleven, omdat daar ook nog wel wat vrijwilligerswerk lag te wachten, maar uiteraard ook naar Maastricht en voorts volop ingezet ook op musea.

De meeste niet bij toeval, maar vanwege een tentoonstelling of andere bijzonderheid. Rijks kleinNeem nu het Rijksmuseum in Amsterdam. Al een paar keer geweest, maar nog niet in de periode dat het voorwerk wordt gedaan voor de restauratie van de Nachtwacht, Rembrandts beroemdste schilderij. Dus hier gisteren (dinsdag) heen.
Leuk om gezien te hebben, maar het viel wat tegen. Indrukwekkend is de grote glazen constructie om de muur waar het immens grote doek hangt. Maar ik heb pech. In dit glazen huis overleggen drie mensen aan een bureau. Weinig spannend dus.

Gebouw
Maar goed, ronddolen door dit museum is al een genot op zichzelf. Zoveel kunstschatten. En het gebouw van architect Pierre Cuypers is een lust voor het oog. De eerste keer dat ik het Rijksmuseum bezocht, in augustus 2017, ging ik voor de Nachtwacht, maar werd betoverd door het gebouw zelf. Ik neem aan dat iedereen die dit leest en er geweest is, dit kan beamen.

Ook een bezoek gebracht aan het naastgelegen Van Goghmuseum. Eerder bezocht in augustus 2017. Maar de werken van deze schilder blijven me imponeren. Zoveel moois en door de goede uitleg op de bordjes, leer je het tijdsbeeld kennen. Zoals de werken die hij maakte in de periode dat Van Gogh was opgenomen in een ziekenhuis of inrichting in Arles.

Aardappeleters
Een tweede bezoek aan dit museum is geen overbodige luxe. De eerste keer is het totaleaardappeleters klein overzicht van de werken van Van Gogh zo overweldigend, kan niet alles in een keer is te bevatten. Je moet er dus wel een tweede keer heen en ik denk ook een derde, om dieper in deze nalatenschap van de beroemde schilder te duiken. Al is het alleen maar om het schilderij Aardappeleters nog eens te zien.

Een derde schilderijenbezoek deze periode was vorige week zaterdag het Mauritshuis in Den Haag. Ook een herhaalbezoek en ook omdat de collectie zo omvangrijk en indrukwekkend is om alles in een keer te bevatten. Zaal na zaal zie je de mooiste schilderijen die Nederlands rijk is. Neem alleen al het betoverende Meisje met de parel van Johannes Vermeer.

Een speciale reden om nu naar het Mauritshuis te gaan, is de overzichtstentoonstelling Nicolaes Maes, een van de beste leerlingen van Rembrandt. Vooral de portretten van de Laat de kinderen tot mij komen kleinslapende oude vrouw, en de verschillende uitvoeringen van de Luistervink zijn het bezoek meer dan waard. Je ziet werken die uit beroemde musea elders op de wereld komen, zoals Jezus zegent de kinderen (‘Laat de kinderen tot mij komen en verhindert ze niet…’) uit de National Gallery in Londen. En Abraham die zijn zoon Izak offert, uit het Agnes Etherington Art Centre in Ontario, Canadese zie je ook niet elke dag.

Aphrodite
Een geheel ander museum waar ik weer ben geweest deze periode is het Rijksmuseum van Oudheden in Leiden. Nu hierheen vanwege de tentoonstelling Cyprus, Eiland in beweging. Een mooi overzicht van beelden en andere voorwerpen uit het zeer oude Cyprus. Het aanbod heeft een spanwijdte van wel negenduizend jaar.
Veel archeologische topstukken uit het Cyprus Museum zelf zijn hier nog tot half maart te zien, zoals het grote beeld boven dit verhaal. Heel veel beelden van Aphrodite kleinAphrodite de godin die volgens de legendes uit het schuim van de zee bij Palaepaphos zou zijn geboren. Ik wist het niet, maar onze maand april is naar haar vernoemd. Interessant ook om de invloeden van andere landen zoals Egypte en Griekenland.

Twee andere musea die ik heb bezocht zijn Speelklok en het Catharijneconvent in Utrecht. Zie daarvoor het verhaal hieronder, ‘Van klok tot kerststal’.

Nog één museum staat op mijn lijstje tijdens dit proefpensioen. Komende vrijdag zet ik koers naar Leeuwarden, het Fries Museum. Daar is nu de tentoonstelling Wij Vikingen. Die is gewijd aan de tijd van de vele Vikingaanvallen in Friesland, of Frisia, zoals dit noordelijke stukje Nederland ruim duizend jaar geleden heette.
Hoe ik deze tentoonstelling waardeer, lees je over een paar dagen in dit blog.

Muziek voor het weekeinde

Laatste Muziek voor het weekeinde van 2019 is Schafe können sicher weider van J. S. Bach uit 1713, uit de cantate Was mir behagt, ist nur die muntre Jagd (BWV 208), ook bekend als de Jachtcantate. Hier gespeeld door de broers Lucas en Arthur Jussen.

jUSSEN kleinBen al fan van het tweetal om zijn vertolkingen van veel werken van tal van componisten. Maar als het om Bach (favo componist voor mij als gereformeerde/ Calvinist) gaat, ben ik wel kritisch (mag ik dat als toch een leek zeggen?) op uitvoeringen. Dit is er een met een 10 op de schaal van 10.
Wie geen Bachfan is, zal het stuk toch wel herkennen en omarmen?
Geweldig werk, fantastisch uitgevoerd door de broers in de uitzending van Podium Witteman van afgelopen zondag. Even doorscrollen hier naar 09.42 minuten voor het betreffende stuk. Doe je ogen dicht en geniet.

SChafe

Wie denkt dat de tekst slaat op de gelijkenis van de goede herder, heeft het mis. Het komt Bachuit een wereldlijke jachtcantate die Bach in 1713 schreef voor zijn werkgever in Weimar, hertog Christian von Saxen-Weissenfels (31). De tekst, waarvan de aria van de muziek die je hoort in het tv-fragment hierboven staat, is van Salomon Franck, de hofdichter van Weimar.
Het werd op 23 februari 1713 voor het eerst uitgevoerd als tafelmuziek bij een banket in het jachtslot van hertog Christian, na een jachtpartij ter gelegenheid diens eerste verjaardag als hertog in functie, na het kinderloos overlijden van zijn  oudere broer in 1712.

Plezierig weekeinde. En alvast een goede jaarwisseling!

 

Van klok tot kerststal

Twee musea bezocht vandaag in Utrecht. Speelklok, in de vroegere Buurkerk in het centrum van de Domstad, was een hernieuwde kennismaking. Daarheen nu vanwege de nieuwe aanwinst, de Clay klok uit 1738. De ‘Nachtwacht’ onder de speelklokken, meldt het museum vol trots. Daar kan ik me iets bij klok kleinvoorstellen. Klok hier voor een nadere uitleg over de klok: geschiedenis, aankoop door het museum en de restauratie in samenwerking met het Rijksmuseum.
Zeer verfijnd vervaardigd zo met mijn leke-ogen te zien. Schitterende details zoals de allegorische voorstelling van Mars, Apollo, Pegasus en de negen muzen (godinnen van de kunsten en de wetenschap).

En een fraai melodietje. Een van de tien werken van Georg Friedrich Händel, die speciaal voor deze klok zijn bewerkt (ingekort en middenstemmen weggelaten), zoals het Menuet uit de Ouverture van Arianna (opera Arianna in Creta) dat de gids met een druk op de knop tot leven laat komen. Een genot om naar te kijken en te luisteren.
Had het melodietje jullie hier graag laten horen, maar ben iets te onvoorzichtig geweest met het wissen van opnamen van mijn telefoon. Tot 5 januari wordt de klok nog een paar keer per dag spelend gedemonstreerd, dus moet ik binnenkort nog een keer naar dit museum toe om een opname te maken.

Het tweede museum was ik nog niet eerder geweest: het Catharijne Convent. Ondergebracht in een vroeger Karmelietenklooster, herbergt dit museum veel christelijke/geestelijke kunst. Voorwerpen, zoals – volgens een Samaritaanse vrouw kleinlegende – de hamer waarmee Sint-Maarten de duivel heeft geslagen en afgodsbeelden heeft vernield.
En verder heel veel schilderijen met Bijbelse voorstellingen, zoals – uiteraard – tientallen (ik heb ze niet geteld) afbeeldingen van Maria met het kindeke Jezus, Izak die Jacob zegent, Mozes toont het volk de twee stenen tafelen met de tien geboden, Jozef door zijn broers verkocht, de genezing van de blinde, de overspelige vrouw (‘Wie zonder zonden is, werpe de eerste steen’), Lot en zijn dochters, de Samaritaanse vrouw (zie foto hierboven), de brede en de smalle weg, de kruisiging van Jezus. Allemaal een lust voor het oog. Niet alleen het totaalbeeld, maar ook de vele details in die werken.

kerststal kleinEn in deze kersttijd ook een ruimte vol met kerststallen. Groot en klein, oud en modern, zoals het plaatje hiernaast toont. Onderdeel van het evenement Kerstival en speciaal gericht op kinderen. Maar als ik om me heen kijk, zijn er volop volwassenen die net zo van genieten van de details in al die kerststallen.

Net als ik eerder in het Rijksmuseum heb ervaren tijdens en na mijn eerste bezoek, was de collectie te omvangrijk en te indrukwekkend om het allemaal in een keer tot me te laten doordringen. Zal er dus nog een paar keer heen gaan om meer en meer te genieten van de schoonheid van deze kunstschatten. Geen straf voorwaar.

 

 

 

Drie uur Gas uit Groningen

5 sterren
Een van de langste toneelvoorstellingen die ik heb bijgewoond in mijn leven in de Goudse Schouwburg. Gas, 4,5 uur (19.30 – bijna 00.00, inclusief twee pauzes), door toneelgroep Jan Vos.

Me geen seconde verveeld. Ook geen moment gehad dat de vermoeidheid toeslaat. Vanaf de openingsscene geboeid gekeken naar hoe zich de gasboringen in Groningen zich gasfoto1 kleinhebben ontvouwd.
Een maatschappelijk toneelstuk in drie delen (een marathon dus eigenlijk, of bingewatchen), waarbij elk deel een verschillende tijdsperiode verbeeldt. 1960, als iedereen denkt een graantje te kunnen meepikken van de komende boringen en dus aangekondigde rijkdommen, 1978 als het verzet klinkt (‘Groningen geen wingewest’) en 2014 als mensen naar de kloten gaan door de aardbevingen en de zeer stroperige (en dat is nog zacht uitgedrukt) van de afhandeling van de schade. Het laatste deel maakt de gaswinning ook in de voorstelling tot een nationale tragedie.

Het verhaal speelt zich af rond hotel Boelens. Een oud familiehotel in Hoogezand-Sappemeer waar ook gedurende de voorstelling de tijd heeft stilgestaan. Het verhaal wordt gespeeld door één naam die ik ken van veel andere (solo)voorstellingen die ik van hem heb bijgewoond: Helmert Woudenberg. In de eerste twee delen vind ik hem als de hotelier Andries Boelens wat op de achtergrond aanwezig. Pas in het laatste deel, waarin hij Bert de directeur van de NAM is, is hi in zijn element en merk ik toch wat een geweldige acteur hij is.gasfoto2 klein

Twee spelers springen er uit voor mij vanavond Trudi Klever als Bette, de dochter van Andries Boelens en Reinout Bussemaker als Alfred Bergman, de geoloog/ingenieur die in het begin van het spel de Groningse gasbel in kaart brengt en later blijft terugkeren, vooral omdat hij Bette niet kan vergeten. Ze dragen voor mij het spel en ben ik vooral onder de indruk van hun rol in het slotstuk als ze bejaard zijn.

En dat het stuk zo fascinerend is en mij van begin tot eind in zijn greep houdt, komt niet in de laatste plaats door de geweldige tekst van schrijver Tjeerd Bischoff. En verder goede regie een bijzonder fraai en functioneel decor en passende muziek.
Kortom, een avondje uit om met heel veel genoegen op terug te kijken.

Gouda by night

De Markt (nu met ijsbaan en kerstboom) bij avond bekeken en gelijk gekeken hoe groot de belangstelling was en hoe de sfeer bij de eerste Santa Run in Gouda, georganiseerd door de serviceclubs Rotary Gouda, Rotary Gouda-Bloemendaal en JCI Gouda.
Heb begrepen dat de organisatie hoopte met 1.000 deelnemers in het Guinness Book of santa kleinRecords te komen. Dat is niet gehaald. Er zouden zo’n 500 deelnemers zijn vanavond. Maar dat deed aan de geweldige sfeer niets af. Die honderden mensen in hun kerstpakken die lange tijd op muzieksantarunklein meededen aan de warming up, om rond 19.15 uur met de run door de binnenstad te beginnen. Een prachtig evenement waarvan ik zeker weet dat we volgend jaar de tweede editie beleven.
En nee, ik heb niet meegelopen. Ik heb last van mijn knie. Ik weet nog niet welke knie, maar ik had er vanavond wel last van…

Gelijk ook even wat foto’s gemaakt van de binnenstad (mijn voortuin) bij avond. De kerstboom komt bij avond bijna nog beter tot zijn recht dan overdag. Een beetje Anton Pieckachtig. En het is ERasmusraamkleindruk op de ijsbaan rond het stadhuis. Dat dit schaatsevenement niet meer is weg te denken uit de kerstperiode wist ik al. Ook hier zul je mij niet op zien, maar ik vind het wel leuk om het schaatsen rond een van Gouda’s mooiste rijksmonumenten gade te slaan.
Ook mooi blijft het in deze periode ’s avonds rond de St.-Janskerk te lopen. De beroemde gebrandschilderde ramen zijn van binnenuit aangelicht, wat een bijzonder fraaie aanblik biedt. Ook het moderne Erasmusraam (zie foto links)  oogt bijzonder.

Hieronder nog een filmpje van de vrolijke warming up van de Santa Run

 

 

Mooi Maastricht

De weersvoorspelling is uitmuntend, dus belofte aan mezelf ingelost en per trein naar Maastricht. Altijd een favo stad voor een daagje uit.

Geen museumbezoek dit keer. Wil volop genieten van de zon en de warmte. Want het voelt bij aankomst op het NS-station van Maastricht. Denk heel even dat er zo’n muurschildering kleinterrasheater in de buurt staat, maar het is toch echt zonnewarmte. Heerlijk.

Er wordt trouwens driftig gerestaureerd aan het monumentale stationsgebouw. Er is oog voor details. In de vernieuwde AH to go is een originele wandschildering uit 1961 weer zichtbaar gemaakt. Een plaatje.
Bij de renovatie van het in 1915 gebouwde station worden nog meer elementen in de oude luister hersteld en krijgen eerder niet toegankelijke ruimtes nieuwe publieksfuncties. Zo wordt er in de vroegere visitatieruimte een grand café gevestigd. Meer informatie over de restauratie van het stationsgebouw vindt je hier.

Standswandeling langs de oude vestingwal. In maart van dit jaar is een deel van degedicht klein stadsmuur bij de vijver De Vijf Koppen (stadspark, Sint Pieterskade) bezweken. Is nog steeds niet hersteld. De Maastrichtse stadsdichter Maarten van den Berg heeft zich er op uitgeleefd. Nu de werkzaamheden op het oog voorlopig stil liggen, is het gedicht op een groot geel doek geplaatst over het gat in de muur.

Het gedicht:

ontembaar vocht de muur tegen vijand en vuur, tot zij
koortsig bollend bezweek, keien als koppen liet rollen
haar buik waarachtig een wortelkraker bleek
en vijf eeuwen opende om de tijd opnieuw te stollen

Daarna doorgelopen naar een plek op de stadsmuur waar het goed toeven is. Vanaf bankjes kijk je uit over de Tapijntuin. Helaas schermt een deel van de bomen het beeld kleinzonlicht af. Dus doorgelopen naar het Aldenhofpark. Daar wel een plek waar de zon volop haar werk kan doen.

Bijzonder in deze hoek van Maasstricht blijft ook het beeld van een van de drie musketiers, d’Artagnan. Bekend uit het boek van Alexandre Dumas (Eén voor allen, allen voor één). Maar d’Artagnan blijkt echt te hebben bestaan. Charles de Batz-Castelmore, seigneur d’Artagnan is in Maastricht in 1673 gesneuveld toen Franse troepen de stad belegerden.

Uiteraard ook koers gezet naar het Onze Lieve Vrouweplein, omklein bier bij mijn stamcafé Charlemagne neer te strijken. Wat ik hoopte, komt uit. Het terras is in gebruik. Wat zeg ik: alle terrassen op het plein zitten vol. De zonnige dag is goed voor de Maastrichtse horeca. Na een heerlijk tapbiertje ( Maastrichter Malthezer ) genuttigd te hebben met de trein via Valkenburg naar Heerlen, om de terugreis naar Gouda aan te vangen.

Pas voorbij Den Bosch, als de schemering al inzet, begint het te regen. Maakt me niet uit. Mijn dagje Maastricht kan niet stuk.

 

servaes klein