Het lied in onderstaand filmpje heeft het koor van mijn kerk afgelopen zondag gezongen. By Faith van het Noord-Ierse duo Keith en Kristyn Getty.
Een heerlijke nummer. Aansprekende tekst, heerlijke uptempo melodie met een onmiskenbare Ierse sound er in. Een genot om te zingen en ik hoop ook om naar te luisteren. Al zongen wij het vast niet zo goed als in het filmpje hieronder.
Geniet van de boodschap in het lied.
Vanuit Genève, de stad van de reformatie waar ik dezer dagen voor mijn kerk ben, wens ik u een prettig weekeinde.
De jaarlijkse broers- en zussendag heeft ons vandaag naar Leerdam gebracht. De glasstad van Nederland, dus een bezoek aan het Nationaal Glasmuseum mag uiteraard niet ontbreken. Prachtig overzicht van wat decennia aan glaskunst en glazen gebruiksvoorwerpen Royal Leerdam heeft voortgebracht.
Leuk om in de vitrines een bloemenvaasje te zien dat mijn moeder – die als ze nog leefde vandaag 100 zou zijn geworden – ook had.
Bijzonder ook de expositie Glas In zicht over toepassing van glas in de bouw en de architectuur. Glas-in-lood als toepassing is me als Gouwenaar met de prachtige, eeuwenoude ramen van de gebroeders Dirck en Wouter Crabeth in de St.-Janskerk. Maar dat er zelfs dakpannen en bouwstenen van glas (hebben) bestaan was me volkomen onbekend. Je ziet, je steekt wat op van zo’n familiedag.
Om te zien hoe vazen en siervoorwerpen van glas worden gemaakt, hebben we aansluitend een bezoek gebracht aan de ’Glasblazerij, een mooi, modern gebouw aan de oever van de Linge, waar het oude ambacht op fraaie wijze wordt getoond.
Glasblazer Maurice la Rooy liet ons op rustige wijze zien hoe hij in de praktijk een kleurrijk siervoorwerp (een rode, donkerrode vaas in dit geval) maakt. Het spel van het vloeibare glas dat langzaam afkoelt terwijl het verder vorm krijgt, dan weer wordt opgewarmd (nou ja, temperaturen tot rond de 1500 graden Celsius), blazen, draaien, steeds een stukje verder.
Rondvaart
Een broers- en zussendag is niet compleet zonder een etensmaal. Dit keer gecombineerd met een rondvaart op een schip van Rederij Leerdam. Rustig drie uur lang varend over de Linge. Ondertussen genieten van een zeer goed verzorgd buffet. Vier gezelschappen aan boord, maar onze plek was voorin redelijk afgezonderd, zodat er voldoende tijd was om bij te kletsen en de familie. Een topdag dus.
Hieronder een filmpje met de demonstratie van glasblazen, al wordt er niet geblazen…
En hieronder een filmisch verslag van de boottocht over de Linge:
Tweede keer dit jaar naar het Openluchtmuseum. Prachtig weer, dus een uitje verzonnen om buiten te zijn. Geen spijt van gehad. Het museumpark liet zich van zijn mooiste kant zien. Gebouwen steken prachtig af tegen de blauwe lucht.
In de afgelopen twee jaar nu drie keer in het museum geweest. En ik kan u zeggen, het verveelt niet. Ik blijf me verwonderen in die oude gebouwen. Al is het alleen maar om te zien hoe goed geconserveerd alles is. Het is soms echt alsof je in een tijdmachine bent gestapt.
Tijdens mijn vorige bezoek in mei vooral ruim tijd besteed aan de Canon van Nederland (aanrader als je hier nog niet bent geweest), nu gekozen voor wandeling en tramrit door het park zelf.
Gouda in Openluchtmuseum Gekeken naar hoe iets kleins iets belangrijks kan doen. Het Aanbrengertje of weidemolen dat uit Gouda afkomstig blijkt. OP de foto bovenaan dit verhaal net links van het midden te zien. Het molentje bemaalde ooit de kleine polder tussen de Oude en Nieuwe Gouwe. Nu zorgt het er in het Openluchtmuseum sinds 1946 voor dat water uit de sloot naar de grote vijver wordt gepompt.
En natuurlijk een bezoek gebracht aan de oude boerderijen uit Beerta, Giethoorn, Staphorst, Varik en Arnhem zelf. In een aantal oude gebouwen wordt daadwerkelijk gekookt, zodat het in het monument ook ruikt als vroeger, inclusief de lucht van petroleum. Eén bezoeker merkte bij binnenkomst in de keuken van de boerderij uit Beerta op dat de geur hem deed denken aan bezoeken aan zijn oma. ,,Dan wist je dat je die dag iets heel lekkers te eten kreeg.’’
Barak
Waar het ook al lekker rook was in de Molukse barak uit het Brabantse Lage Mierde. De toegevoegde kruiden zorgen voor een extra dimensie als je hier binnen rondloopt en je je verdiept in de geschiedenis van de KNIL-militairen en hun gezinnen die in dit soort barakken leefden.
Mooi om te zien hoe het museum moderne foefjes toevoegt om de sfeer uit het verleden nog meer boven te laten komen. Zoals in het oude café van de Westerstraat in Amsterdam, rechts voorbij de ingang. Je stapt de kroeg binnen en met een druk op de knop zie je Tante Leen of Johny Jordaan met muziek uit oude speakers hun oude liederen zingen.
En als je even wilt bijkomen van al die gebouwen? Uiteraard is er dan genoeg horeca (ook in of bij oude gebouwen) en op deze zonnige dag is het bovendien heerlijk toeven in de tuinen midden in het park. Hoe druk het ook is in het Openluchtmuseum, hier is het een oase van rust.
Kortom, een bezoek om met genoegen op terug te kijken. Volgend jaar maar weer eens doen.
Bekijk hieronder een kort filmpje. Inclusief het koken in de Molukse barak. Zonder de geuren helaas…
Op Open Monumentendag me tijdens rondleiding verdiept in de gebouwen in Diergaarde Blijdorp. Kom al met enige regelmaat in deze Rotterdamse dierentuin. Niet alleen voor de dieren, maar ook om de fantastische gebouwen van architect Sybold van Ravesteyn.
Had mijn hoop gevestigd om tijdens de rondleiding vandaag in de Rivièrahal verstopte podium te zien te krijgen. Die verwachting is waargemaakt en meer dan dat. Er zat aan dit bezoek echter ook een schaduwkantje: het verval.
Van Ravesteyn, van oorsprong station architect van de NS (hij heeft ook het in 1949 opgeleverde en in 1984 vervangen station van Gouda gebouwd), kreeg in 1937 de opdracht om een nieuwe dierentuin te ontwerpen in zijn woonplaats. De oude dierentuin in het centrum (ten zuiden van het Groothandelsgebouw en het Weena; de straatnaam Diergaardesingel verwijst er nog naar) moest wijken voor wat we nu stadsvernieuwing zouden noemen. Als locatie voor de nieuwe diergaarde werd gekozen voor een braakliggend terrein tussen de spoorlijn Utrecht – Rotterdam en de Van Aerssenlaan.
Van Ravesteyn kon hier zijn gang gaan. Moesten stations aan allerlei eisen voor het reizigersvervoer voldoen, hier kon hij zijn voorliefde voor ronde en sierlijk golvende vormen tonen. Een ronde vijver? Nee hoor, Van Ravesteyn maakte er iets aparts van. Zelfs de looproutes (ook met bochten) werden door hem bedacht. Opvallend, zegt Blijdorp zelf, want in die tijd zegevierde juist de strakke Nieuwe Zakelijkheid.
Blijdorp was een van de eerste dierentuinen ter wereld die in zijn geheel door één architect ontworpen was: een totaalontwerp. Hoewel VAn Ravesteyn niet veel met de dieren op had, zorgde hij voor iets opvallends. Grote hekken of tralies werden vervangen door grachten en lage muren. De dierenverblijven oogden minder als een gevangenis zoals tot die tijd gebruikelijk was.
Slechts één gebouw is nog ouder dan Blijdorp. De Victoriaserre, het ronde gebouw naast de Rivièrahal. Een ruimte waren tijdens mijn gewone bezoeken graag even vertoef. Een rustpunt in de drukke dierentuin. De serre was er al in de oude dierentuin en is door Van Ravesteyn meegenomen in zijn ontwerp voor Blijdorp.
Bij het aanbreken van de Tweede Wereldoorlog was Blijdorp zover af dat de meeste dieren er heen konden. Net op tijd voor het bombardement dat een deel van de stad verwoestte en ook de plek van de oude diergaarde. Daar waren dieren dood gegaan of ontsnapt. Zo liep er in die tijd een zebra door een winkelstraat… Een krokodil, Matata, is ook meeverhuisd en heeft hier tot tot zijn overlijden in 2014 geleefd.
Dan nu het verval. Van Ravesteyn maakte voor veel van de 21 gebouwen, waaronder de dierenverblijven, gebruik van het eind jaren dertig net opkomende beton. Echt nieuw dus maar van betonrot was nog onbekend.
De betonrot heeft om zich heen gegrepen. Dat is goed te zien op het orkestpodium en de twee balkons in de Rivièrahal. Aan het zicht van het publiek onttrokken, maar vandaag van dichtbij te zien. Wat eens de trots moet zijn geweest van dit gebouw, oogt nu achter een houten wand verloederd. Maar ook elders in het rijksmonument doet het zich voor. De uitkijktoren aan de achterzijde van de hal is in 1972 gesloopt.
Nog erger is een van de voormalige dierenverblijven er aan toe. Zie de foto boven dit verhaal. Als dierentuinbezoeker zie je dit niet, maar vandaag via een deur naar de bergdierenrots waar eens verschillende dieren rondliepen. Zo slecht dat de gids die ons rondleidt, waarschuwt om vooral voorzichtig te zijn als we naar de muur lopen…
De Bergdierenrots in betere tijden
Restaureren is geen optie. Zal heel veel geld kosten. Een meer dan tien jaar oud restauratieplan ging uit van twintig miljoen euro, maar vandaag de dag liggen de kosten van de bouwsector veel hoger. Maar als er niets gebeurt, is het maar de vraag hoe lang publiek de Rivièrahal nog binnen mag.
Interessant en zeer leerzaam om vandaag eens met de neus op andere feiten van Blijdorp te zijn gedrukt. Dank aan de gids die ons rondleidde. Goede uitleg en veel kennis van de Rotterdamse diergaarde.
Een ouwetje deze keer. Mike Oldfield. Zijn album Voyager uit 1996.
Prachtige muziek, volop Keltische invloeden, dus vooral beluisteren met een goed glas malt whisky binnen handbereik. Opname duurt bijna een uur, maar dat vliegt voorbij. Helaas ontkom je in deze YouTube-versie niet aan advertenties…
Hoe dan ook: een prettig weekeinde.
Na de kerk vanmiddag nog even genoten van stukje Wereld Haven Dagen in Rotterdam. Slenterend op de kade van de Leuvehaven kwam ik iets grappigs tegen, de Notendop. Weet niet of je in dit geval van een straatmuzikant kunt spreken, maar Reinier Sijpkens maakt al ronddobberend in zijn bootje een vrolijke muzikale boel van.
Geniet hieronder van een filmpje met vier stukjes muziek.
Na een paar jaar de Wereld Haven Dagen in Rotterdam bezocht. Er mijn vrije vrijdag voor gebruikt. Goede beslissing. Het kwam me minder druk over dan op zaterdag.
Geen vast programma gevolgd. Gewoon, eerst langs en op schepen rond de Wilhelminakade. Bijvoorbeeld aan boord geweest van De Zonnebloem, het schip van de gelijknamige organisatie. Het dateert uit 2005, maar als mij was verteld dat het net in de vaart was, zou ik het ook geloven. Het zag er tiptop uit.
Bijzonder ook om eens rond te kijken op een schip dat de vaargeul in de Botlek diep genoeg uit. Indrukwekkend hoeveel power zo’n schip uitstraalt.
Zelfde geldt voor de schepen van Rijkswaterstaat en de KNRM. Mooi om er eens op geweest te zijn.
Aan de andere kant van de Maas, bij de Parkkade geneusd bij de vele kraampjes. Wilde in de hoek vlakbij de Maastunnel nog even de Zr. Ms. Rotterdam op. Maar de rij voor de entree was zo lang dat ik dat maar aan me voorbij heb laten gaan.
In plaats daarvan voor het eerst van mijn leven onder de Maas gelopen, door de Maastunnel.
Ken de autotunnel vooral uit de tijd dat ik als kind met mijn ouders met de bus naar opa en oma op Heijplaats ging. En op een zondag wil ik af en toe nog wel eens een ritje door Rotterdam maken en kom dan ook wel eens door de tunnel. Maar het voetgangersdeel was compleet nieuw voor me. Leuke ervaring.
Aan de zuidzijde via de Brielselaan richting Katendrecht gelopen en over een brug terug naar de Wilhelminakade. Dat heb je hier sneller gelezen dan de wandeling duurde. Maar het was prachtig weer en leuk om zo een nieuw stukje Rotterdam te leren kennen.
Bach deze week. Filmpjes van Johan Sebastian Bach: Gottes Zeit ist die allerbeste Zeit (BWV 106 – 2a), gespeeld door de broers Lucas en Arthur Jussen in een 4-handige zetting van Györg Kurtág.
De broers brengen eind deze maand een cd (hun zesde alweer bij Deutches Grammophon) met muziek van Bach.
Als de hele cd net zo mooi is als onderstaand filmpje (in juni opgenomen in het Concertgebouw in Dortmund), dan belooft dat wat.
Kende dit museum in Leiden wel van naam, maar door publiciteit rond de heropening van De Lakenhal besloten er eens te gaan kijken. Vandaag gedaan.
Mooi museum, mooie collectie, met een wow-factor. Je komt er – in beeld – veel te weten over de kunst, kunstnijverheid en geschiedenis van de lakenstad Leiden. De rijkdom die het een deel van de bevolking vroeger heeft gebracht. Het Beleg van Leiden tijdens de Tachtigjarige Oorlog en zo nog wat. Een stadsmuseum dat zijn naam eer aan doet. En een heel aansprekend gebouw ook, zowel het oude als het nieuwe deel.
(Lees verder onder het fotomozaïek)
Mooiste stuk voor mij als journalist is echter het glas-in-loodraam uit het vroegere Algemeen Handelsblad-gebouw aan de Nieuwezijds Voorburgal in Amsterdam. Het raam is in 1927 vervaardigd door de Leidse kunstenaar Harm Kamerlingh Onnes ter gelegenheid van het 100-jarig bestaan van de krant.
De voorstellingen in het raam laten zien hoe dagelijks de krant gemaakt wordt en van de persen rolt. Je ziet een verslaggever bellend achter zijn bureau en op straat aan het werk (met blocnote in de hand). Zie fotomazaïek hierboven. Ook het drukken van de krant en ja zelfs de bezorging zijn in beeld gebracht. Prachtig om dat raam nu hier te zien. Heb er lange tijd bij gezeten om zoveel mogelijk details tot mij te nemen.
Maar er is meer moois, zoals het drieluik en een van de topstukken van het museum, Het Laatste Oordeel van Lucas van Leyden en de Brillenverkoper, een vroeg werk *hij was 18 toen hij dit schilderde) van Rembrandt van Rijn.
En heel Bijbels ook is het werk van Jan Lievens van de Romeinse stadhouder Pilatus die zijn handen (in onschuld) wast nadat hij Jezus, op verzoek van een woedende menigte had veroordeeld tot de kruisdood, zoals beschreven in Mattheus 27:24 (Toen Pilatus inzag dat zijn tussenkomst nergens toe leidde, dat het er integendeel naar uit zag dat men in opstand zou komen, liet hij water brengen, waste ten overstaan van de menigte zijn handen en zei: ‘Ik ben onschuldig aan de dood van deze man. Zie het zelf maar op te lossen).
Rechts in de hoek van het schilderij zie je nog hoe Jezus door soldaten wordt weggevoerd. Zie de foto boven dit verhaal.
Leesbril en Ipod Bijzonder fraai is de ‘nieuwe vertaling’ van het Beleg van Leiden van kunstenaar-fotograaf Erwin Olaf. Indrukwekkend werk. Minutenlang naar gekeken. Toch viel me pas na het lezen van de beschrijving op dat Olaf er twee elementen in heeft verwerkt die in 1574 echt nog niet bestonden: een leesbril en een Ipod…
Echt onder de indruk was ik in een van de eerste zalen bij binnenkomst. Het drieluik De kruisiging van Christus van Cornelis van Engebrechtsz. Een altaarstuk uit een vroeger klooster in Leiden. Zoveel details, zoals de strook onder het drieluik waar Adam ligt, terwijl uit zijn borst hout opstijgt, een link met het houten kruis waaraan Jezus stierf.
En heel boeiend is ook een van de belangrijkste verhalen van Leiden tijdens het beleg, De zelfopoffering van burgemeester Pieter van der Werf van de hand van Mattheus Ignatius Bree. Het verbeeldt het moment waarop de burgemeester in 1574 zijn eigen lichaam als voedsel aanbiedt aan een hongerige menigte.
Extra punten voor dit museum voor de rondleiding met je eigen mobiele telefoon. Bij een aantal werken van de collectie kun je met de te downloaden L@kenhalApp een deel van een schilderij of het tekstbordje scannen (net zoals een QR-code) en krijg je details te zien en kun je luisteren naar een korte uitleg. Wie geen oordopjes bij zich heeft, kan een koptelefoon lenen bij de informatiebalie. De App is zeer nuttig gebleken. Bovendien kun je met die App thuis nog eens door het museum wandelen.
De Lakenhal komt op mijn lijstje met musea die ik nog eens moet bezoeken.
Geen Ljouwert Boppe dit jaar. Niet eens in het linker rijtje. Ach, there is always next yearWillem!
De middenmoot betekent niet dat ik het Ljouwerter skûtsje vaarwel zeg. Integendeel. Ik kijk uit naar het SKS-kampioenschap van 2020.