![]()
Was tevoren wat sceptisch. Vooral het decor in de voorstelling De Oresteia van Het Nationale Theater (HNT) was onderhevig aan kritiek. Het is een gegolfde (de zee tussen Griekenland en Troje verbeeldend) en steeds ronddraaiende en bij tijd en wijle krakende speelvloer. Het (in de woorden van dagblad Trouw ‘bizarre decor’ leidt hinderlijk af. Alhoewel: halverwege de dik 2,5 uur durende voorstelling ben je er zo aan gewend, dat het niet meer opvalt.

Over het stuk zelf niets dan lof. Het is imponerend. HNT brengt vaker klassiekers uit de oudheid op het toneel. Dit keer De Oresteia, daterend uit bijna 500 jaar voor Chr. Geen dijenkletser, of iets als ‘tussen de schuifdeuren’. Een zwaar stuk waarbij je constant moet opletten.
Het is het verhaal van het huis Atreus waarvan legeraanvoerder Agamemnon zijn dochter Iphigeneia offert om gunstige wind te smeken van de goden. Het vervolg, heel kort samengevat: zijn vrouw Klytaimnestra doodt hem als wraak hiervoor. En dan keert de eerder gevluchte zoon Orestes terug om zijn vader te wreken, door zijn moeder te doden. Dat zet je op het puntje van de stoel. Je ziet en hoort de twijfel. De jongeman moet zijn vader wreken van de goden, maar heeft wel moeite met het doden van zijn moeder. Uiteindelijk doet hij dat toch. In de ‘rechtzaak’met de godinnen, komt hij zijn moeder nog één keer tegen. Hij wil haar kussen, maar zij wendt het hoofd af.
Alles valt op staat bij zo’n stuk met de spelers. Die zijn geweldig. De bitch van een

moeder wordt fantastisch neergezet door Anniek Pheiffer en met Bram Coopmans wordt Agamemnon een echte strijder. Het meest was ik nog onder de indruk van het spel van Bram Suijker als Orestes. Vooral dankzij de live projecties op schermen achterin het toneel, zie je de vertwijfeling en het ongeluk in zijn gezicht. Meesterlijk knap. En natuurlijk is het heerlijk om de lange beginmonoloog te horen uit de mond van de gelauwerde Hans Croiset.

Kortom, geen spijt van deze voorstelling, waarop ik pas een paar weken geleden werd geattendeerd. Wel jammer voor HNT dat Griekse drama’s geen groot publiek trekken. De grote zaal van de Goudse Schouwburg was voor ongeveer een derde gevuld. Wel goed van het Goudse theater dat het niet gaat voor alleen vorostellingen die volle zalen trekt, maar ook oog heeft voor de liefhebbers van dit soort zware stukken.
Zou het eigenlijk 5 sterren willen geven, maar een punt aftrek voor het decor.

Knap hoe Woudenberg (foto) het verhaal hertelt, zonder af te wijken van het oorspronkelijke. OK, de woorden zijn anders gekozen, maar het lijden van het volk in ballingschap, de relatie met Mirjam, Aäron, Jozua, God (‘consequent aangeduid als de ‘Ene’, de ‘Enige’), de onzekerheid en het gemor tijdens de terugtocht of exodus naar Kanaän, de dood van de eerstgeborenen, de nieuwe woorden voor de tien geboden, het is allemaal herkenbaar herleidbaar tot het origineel in de Bijbel.
kleine zaal van de uitverkochte kleine zaal is slechts gevuld met een zeil van een schip. Zie de foto. Knap. Het decor is functioneel, maar het leidt absoluut niet af van het verhaal dat wordt verteld.
Prachtig spel van Werner Kolf als generaal Othello (in dienst van de Senaat van Venetië) en de mooie Sallie Harmsen als zijn Desdemone (dochter van senator Brabantio).
Een uit de hand gelopen kinderruzie, lijkt de onderlinge vaststelling aanvankelijk. Beide echtparen willen alles beschaafd oplossen met een open gesprek, maar gaandeweg blijken woorden – en vooral woordkeuzes – de laagjes vernis van de beschaving grondig af te schuren tot er alleen nog een (verbaal) slagveld overblijft.
Al na een paar minuten bleek er niets teveel gezegd aan die aankondiging. Man, man, man, wat een geweldige voorstelling. Fenomenaal. Hilarisch. Bram Suijker, Vincent Linthorst en Jappe Claes presenteren alle werken met grote humor. De teksten (,,ja, ik heb dit ook niet geschreven hoor…’’) de kostuums, de interactie met de zaal. Het is werkelijk ongelooflijk knap. Zo worden koningsdrama’s gespeeld als rugbywedstrijd, wordt in Hamlet een poppenkast functioneel toegevoegd. En er is een bijzonder knappe rapversie van Othello. Uiteraard ontbreken de bekende ‘onderdelen’, zoals de schedel (York), niet.
En omdat er tijd over is (,,We hebben nog drie minuten’’) wordt dat stuk nog twee keer, de laatste keer zelfs heeeel erg ingekort en in omgekeerde volgorde opgevoerd. De tranen biggelden over mijn wangen. En dat gebeurt niet snel.



